Het is moeilijk te zeggen of Martin Schulz ook maar enige kans maakt om op een dag voorzitter van de Europese Commissie te worden. [Hij heeft zijn kandidaatstelling op 3 november officieel gemaakt.] Maar zijn credo is in ieder geval dat de benoeming van de opvolger van José Manuel Barroso, in aansluiting op de Europese verkiezingen van mei 2014, moet worden ´ge-po-li-ti-seerd´.

Volgens de Duitse sociaaldemocraat is dat de beste manier om het democratisch tekort dat de Europese Unie zo vaak wordt verweten, enigszins te compenseren, doordat de verschillende politieke groeperingen hun campagne dan een persoonlijk tintje kunnen geven. Het kiezen van een lijsttrekker of ´Spitzenkandidat´, die zich in heel Europa hard kan maken voor het programma van zijn politieke familie: dat is volgens ´Mister Europe´ van de SPD het wondermiddel om kiezers te trekken. Vooral nu radicale partijen bij de verkiezingen meer invloed dreigen te krijgen dan ooit tevoren.

Schulz voegde de daad bij het woord en wierp zich onmiddellijk in de strijd namens de socialisten, die hij – als zich geen verrassingen meer voordoen – als vlaggendrager gaat verdedigen tegen rechts en tegen allerlei populistische partijen. Ook de Groenen, die het binnenkort zonder Daniel Cohn-Bendit moeten stellen, kiezen voor deze lijn. Zij houden zelfs nog voor het eind van dit jaar voorverkiezingen via internet. Om meer kans te maken deze te winnen, heeft de Fransman José Bové zich verbonden aan een Duitse ecologe die hij ruim dertig jaar geleden leerde kennen op het plateau van Larzac [waar zij toen streden tegen de uitbreiding van een militaire basis, red.]. Extreemlinks zal waarschijnlijk de Griek Alexis Tsipras als lijsttrekker naar voren schuiven. Hij is een fel tegenstander van de bezuinigingen in zijn land en van de ´men in black´: de geldschieters die in de ´trojka´ zijn verenigd. Bij de liberalen zijn er meerdere kandidaten in de race, onder wie Olli Rehn, Europees commissaris voor Economische en Monetaire Zaken, en Guy Verhofstadt, een van de voorvechters van het federalisme uit het zittende Parlement.

Clash tussen instellingen

De Fractie van de Europese Volkspartij (EVP), die momenteel de grootste fractie is in het Europees Parlement, aarzelt nog. Zowel Michel Barnier, Eurocommissaris voor de Interne markt, als Viviane Reding, zijn collega op Justitie, dromen ervan om door hun fractie naar voren te worden geschoven. In beide gevallen zou het voor de EVP moeilijk zijn om het spel van de andere Europese partijen niet mee te spelen door geen lijsttrekker te presenteren om campagne te voeren. In het rechtse kamp zal op dit punt echter niets worden besloten vóór december. En in het gunstigste geval zal de conservatieve kandidaat pas in maart – amper twee maanden voor de Europese verkiezingen – worden aangewezen, zozeer lopen de meningen uiteen over wat velen als een ´niet echt goed idee´ beschouwen.

Niets wijst er namelijk op dat de dynamiek waar Martin Schulz op hoopt, ook echt van de grond komt. Op papier moet het Europees Parlement weliswaar de voorzitter van de Europese Commissie kiezen, maar het doet dit op voordracht van de staatshoofden en regeringsleiders die de Europese Raad vormen. De nationale leiders, Angela Merkel voorop, zijn echter niet van plan hun voorrecht te delen en zijn bang te moeten inbinden tegenover het Europees Parlement.

De voorzitter van de Europese Raad, Herman Van Rompuy, die zelf afkomstig is uit de EVP, laat ondertussen geen gelegenheid voorbijgaan om kritiek te uiten op de parlementaire benadering waar Martin Schulz en veel EP-leden voor pleiten.

De voorzitter van de Europese Raad, Herman Van Rompuy, die zelf afkomstig is uit de EVP, laat ondertussen geen gelegenheid voorbijgaan om kritiek te uiten op de parlementaire benadering waar Martin Schulz en veel EP-leden voor pleiten. Hij vindt juist dat de Europese Raad de opvolging van José Manuel Barroso moet regelen. De voormalige Belgische premier, die zichzelf nergens kandidaat voor stelt, vreest bovenal een clash tussen de instellingen, als een persoon – Martin Schulz bijvoorbeeld – wel een meerderheid binnen het volgende Europees Parlement zou krijgen, maar niet binnen de Europese Raad. Of omgekeerd.

Onafhankelijkheid en onpartijdigheid

Lang niet iedereen is het eens met de ´parlementarisering´ van de Europese politiek. Moeten wij een instelling als de Commissie, die geacht wordt zich voor het algemeen belang in te zetten en boven de partijen te staan, verder politiseren, zoals Martin Schulz wil? Dat ligt niet direct voor de hand. Feit is wel dat het Europese ´uitvoerende orgaan´ zich in een paradoxale situatie bevindt: bij de chaotische aanpak van de crisis in de eurozone werd de Commissie min of meer buitenspel gezet door de regeringen en de Europese Centrale Bank, maar zij kreeg er en passant wél nieuwe bevoegdheden bij om de lidstaten beter te controleren. Als de Commissievoorzitter na een pan-Europese verkiezingscampagne gekozen werd, dan zou dat – volgens voorstanders van dit idee – de legitimiteit van een instelling die meer dan ooit aan het wankelen is gebracht, behoorlijk opvijzelen.

Het college van commissarissen is echter al een uit meerdere partijen bestaand team, dat de huidige krachtsverhoudingen in Europa en de meerderheden in de lidstaten afzonderlijk weerspiegelt. De Commissie dient echter strikt neutraal te opereren. Maar in geval van een te sterke politisering zullen haar onafhankelijkheid en onpartijdigheid beslist ter discussie worden gesteld.

Het is namelijk niet voor te stellen dat een linkse regering in Frankrijk zonder morren akkoord zal gaan met de aanbevelingen van een rechtse Commissie. Dat is nu al het geval, en dat kan alleen nog maar versterkt worden als de droom van Martin Schulz of Michel Barnier uitkomt.