Dankzij de Duitsers beschikt de wereld over Audi’s en Autobahnen, maar in Vauban hebben ze alles wat vier wielen en een motor heeft in de ban gedaan. In deze buitenwijk van de universiteitsstad Freiburg zijn schitterende bloemenperken in de plaats gekomen voor de auto, die normaal gesproken buiten, voor de keurige rijtjeshuizen, geparkeerd zou staan. Bewoners horen nu vogels zingen in plaats van het lawaai van verkeer.

Als je hier een auto wilt hebben, moet je zo’n € 20.000 betalen voor een parkeerplaats,” vertelt Andreas Delleske, een van de oprichters van het project, “maar circa 57% van de bewoners heeft zijn auto verkocht om te kunnen genieten van het leven hier.” Vandaar dat de meeste bewoners fietsen of de tram nemen, die Vauban verbindt met het centrum van Freiburg. Als ze een auto nodig hebben om op vakantie te gaan of om dingen te verhuizen, huren ze er een of ze maken gebruik van een abonnement op Greenwheels (car sharing).

Aangezien in Vauban praktisch geen auto's rijden, hebben de planologen bijna volledig kunnen afzien van autowegen. Straten en stoepen zijn voorzien van keien of grind en voertuigen mogen er alleen in om basisgoederen te lossen. Deze autovrije stad is slechts het begin van wat wel wordt gezien als een van de succesvolste experimenten in Europa op het gebied van milieubewust leven en een concept dat als blauwdruk kan dienen voor de toekomst.

In Vauban, waar 5.300 mensen wonen, staan elegante huizen met brede balkons en grote openslaande deuren die uitzicht bieden op vredige tuinen. Als je er bent, kun je je niet aan de indruk onttrekken dat je in een IKEA-advertentie bent beland. Maar hoewel Vauban op het eerste gezicht in hoge mate een doorsnee woonwijk is, borrelt er onder dat oppervlak een eco-revolutie. Alle ramen zijn voorzien van drie lagen glas. Dankzij een ventilatiesysteem worden de woningen voortdurend voorzien van frisse lucht. De meeste huizen krijgen hun energie via zonnepanelen en slimme generatoren, die op houtsnippers worden gestookt en voor warmte en stroom zorgen. De meeste huizen in Vauban genereren meer stroom dan ze zelf verbruiken en verkopen de extra stroom aan energiebedrijven.

Delleske is er trots op dat hij voor zijn woning van 90m2 slechts € 114 per jaar aan verwarmingskosten kwijt is. “De meeste mensen betalen dat bedrag elke maand aan verwarmingskosten,” zegt hij. Hij heeft zelfs afgezien van afvoerpijpen in het toilet en bij de douche: uitwerpselen worden in een biologisch toilet gecomposteerd en het water van de douche en afwas wordt gefilterd en hergebruikt voor de tuin.

Het nieuws van Vauban gaat als een lopend vuurtje. Dagelijks komen zes of zeven bussen vol mensen de wijk bekijken. De bussen moeten aan de buitenkant van de wijk parkeren. Bij de ingang staat de volgende slogan te lezen: “Wij creëren de wereld zoals wij hem willen.” Toch liggen de wortels van deze buitenwijk wel een heel eind van dergelijke idealistische thema’s vandaan. De wijk ontstond namelijk in 1937 als een rij barakken, waar het leger van Adolf Hitler (Wehrmacht) onderdak vond. Aan het einde van WOII werd de wijk opgeëist door het Franse leger en omgedoopt tot Quartier Vauban. Na de Duitse hereniging trok Frankrijk zijn troepen terug en droeg de wijk in 1994 over aan de stad Freiburg.

Al snel daarna richtte een groep burgers met hart voor het milieu het Forum Vauban op en begon te onderhandelen met het stadsbestuur. Het eindresultaat was een commissie die ecologisch duurzame huizen ging ontwerpen. De meeste barakken uit de nazitijd werden platgegooid en er werden meer dan 60 architecten ingehuurd om het gebied te herontwikkelen.

Het project houdt de kracht van de groene beweging in Duitsland levend. Het stadsbestuur van Freiburg bestaat uit een coalitie van conservatieven (CDU/CSU) en de Groene Partij (die Grünen), waarbij de Grünen de meerderheid vormen. Bij de Europese verkiezingen ging in Vauban zo’n 60% van de stemmen naar de Grünen. Bovendien steekt de wijk scherp af bij de reputatie van Duitsland als land met een van de laagste geboortecijfers ter wereld: bijna 30% van de bewoners is jonger dan 18 jaar. Ute en Frank Lits kwamen hier vijf jaar geleden wonen. Hun kinderen van zes en tien kunnen zo de voordeur van hun vierkamerwoning (€ 250.000) uitlopen en komen dan in een gemeenschappelijke tuin terecht. “We wilden graag ons eigen huis bouwen en we vinden de milieuvriendelijke principes in deze wijk heel prettig,” vertelde mevrouw Lits. “Maar de voornaamste reden om hier te komen wonen is dat Vauban voor kinderen de perfecte omgeving is. Ze genieten hier een soort vrijheid die je in een normale stadswoning niet zo snel zult vinden.”

Het enige waar Vauban’s moedige nieuwe wereld mogelijk onder te lijden heeft, is een soort burgerlijke monocultuur. Als je buiten voor een van de oude nazigebouwen zit dat nu dienst doet als biologisch verantwoord restaurant, waar je ravioli gevuld met ricotta kunt eten en struisvogelvlees, dan zie je haast niemand die niet van Europese afkomst is, maar ook bijna geen oudere of arme mensen. Wolfgang Konradi, jongerenwerker, beweert dat de tieners in de wijk zich als normale leeftijd gedragen. “Het probleem zit meer bij de ouders, die verwachten dat hun kinderen de perfecte inwoners zijn,” klaagt hij. Zijn vrouw Ina voegt er nog aan toe: “Het is heel plezierig wonen hier, maar we zitten wel een beetje onder een glazen stolp. Ik zou hier beslist niet mijn hele leven willen blijven wonen.