Moet het recente besluit van Oekraïne om het belangrijke associatieverdrag met de Europese Unie beschouwd worden als een mislukking van het Europese buitenlandbeleid? Ondanks het begrijpelijke handenwringen in Brussel, moet het antwoord op die vraag een stevig nee zijn. Het is natuurlijk waar dat de top van het Oostelijk Partnerschap in Vilnius Oekraïne nu niet langer als kroonjuweel van het Europees Nabuurschapsbeleid kan ‘presenteren’, maar de Europeanen hebben heel wat gewonnen bij het diplomatieke geruzie van de afgelopen zes maanden.

Ten eerste is de mist nu opgetrokken. De aard van het spel waarin de EU zichzelf in zijn Oostelijke regio bevindt, is volledig duidelijk. Door hun eigen, vrij beperkte, winst-noch-verlies-logica op de kwestie toe te passen, slaagde Rusland er uitstekend in het Oostelijk Partnerschap van een technocratisch samenwerkingsproject te upgraden naar een geopolitieke wedstrijd.

Het spel werd keihard gespeeld

Nog maar een paar dagen geleden, weigerden EU-woordvoerders op die manier de strijd om Oekraïne in ogenschouw te nemen. Zij benadrukten dat als Oekraïne een overeenkomst met de EU zou tekenen, dit geen nederlaag voor het Kremlin inhield maar dat alle partijen hier op de lange termijn van zouden profiteren. De woordvoerders hebben natuurlijk gelijk, en toch wordt het spel nu, voor zolang het duurt, anders gespeeld. De EU had geen andere keuze dan dat te accepteren. Het werd keihard gespeeld. En dus zorgde de EU ervoor dat er orde op zaken werd gesteld, en deed keihard mee.

De EU gaf niet toe, maar hield zijn poot stijf

En dat is de tweede reden waarom het resultaat van de impasse geen nederlaag voor de EU is. Voor het eerst sinds de aanvang van het Oostelijk Partnerschap in 2009, dook de EU niet weg voor de uitdaging, maar ging hem aan. Met opgeheven hoofd. De EU verdedigde Oekraïnes recht om een eigen soeverein besluit te nemen, recht in het gezicht van de schaamteloze Russische politieke chantage van de regering in Kiev. De EU verloor de confrontatie toen de Oekraïense president Viktor Janoekovitsj bezweek onder de Russische druk, maar won iets dat veel belangrijker was: de EU gaf niet toe, maar hield zijn poot stijf.

De sleutel tot de Europese standvastigheid bleek de onverwacht ferme steun van Duitsland aan de zaak. Doordat Berlijn erin stapte met een principestandpunt over het Oostelijk Partnerschap, veranderde het tandeloze hobbyproject van de Oostelijke en Noordelijke EU-lidstaten in een pan-Europese uitdaging.

Uiteindelijk bleek de Duitse steun niet genoeg voor het gewenste resultaat. Maar weer won de EU iets dat belangrijker was: Duitsland nam het voortouw in een zeer ongemakkelijke buitenlandse kwestie, waarbij zelfs Rusland het hoofd moest worden geboden.

Schaamteloze politieke chantage van Moskou

Er wordt gezegd dat de EU twee fatale fouten maakte. Ten eerste zou de EU het Russische winst-noch-verlies-beleid niet hebben moeten stimuleren door te zeggen dat Oekraïne moest kiezen tussen het EU-verdrag en de door Moskou geleide douane-unie. Door Kiev te dwingen een moeilijke keuze te maken, ondermijnde de EU zijn eigen inspanningen. Ten tweede had de EU het tekenen van de overeenkomst niet moeten koppelen aan de vrijlating van voormalig premier Joelia Timosjenko, de gevangengezette aartsvijand van Janoekovitsj.

De werkelijke redenen voor Oekraïnes houding liggen diep verankerd in het binnenlandbeleid van het land

De werkelijke redenen voor Oekraïnes houding liggen diep verankerd in het binnenlandbeleid van het land. De Oekraïense politieke elite, die een aantal jaar lang een beleid wist te voeren waarbij Rusland en het Westen op gelijke afstand werden gehouden, besloot dat het nog geen tijd was om van dat model af te stappen. Voor de oligarchen achter Janoekovitsj vormt teveel toenadering tot Brussel of Moskou een mogelijk gevaar voor hun bedrijfsmodel, dat eruit bestaat met een machtsmonopolie binnen een kwetsbare politieke omgeving zo rijk mogelijk te worden.

Tel hier de schaamteloze politieke chantage van Moskou nog bij op, en je krijgt een situatie waarin vasthouden aan de status quo aantrekkelijker leek dan een sprong in het diepe naar de EU.

Maar er is nog niets verloren voor de EU. Niet alleen was deze episode een gezonde manier om weer met beide benen op de grond te komen, maar maakte de EU ook een enorme eenheidstest door, en kwam daar ongeschonden uit tevoorschijn.

Bovendien maakte Rusland het aan de rest van de planeet duidelijk dat een goede burenrelatie met hen niet tot stand komt door wat ze te bieden hebben, maar door afpersing en dwang.

De strijd is nog maar net begonnen

En misschien nog wel het belangrijkste: als de EU verenigd en vastberaden blijft, dan zal de tijd in haar voordeel werken. Uiteindelijk zullen zelfs de Oekraïense oligarchen zich realiseren dat rijk blijven en een beter leven leiden gemakkelijker wordt in een bondgenootschap met het Westen dan in een relatie met Rusland.

Nu hangt alles af van twee dingen. Ten eerste moet de EU de deur openhouden en Oekraïne niet afschrijven. De eerste reacties van Brussel en elders zijn in dat opzicht bemoedigend. Ten tweede moet de EU ijverig zijn huiswerk doen en zijn integratie- en marktmodel economisch en politiek aantrekkelijk houden. Als dat lukt, dan mag het duidelijk zijn wie er op de lange termijn de geopolitieke strijd om Oost-Europa wint.

En misschien, heel misschien, zal het ook de Russische beleidsvormers duidelijk worden dat een dergelijk resultaat ook voor hen beter is. De strijd om Oost-Europa is nog niet verloren, maar is pas net begonnen.