Waar hij bang voor is, is de UK Independence Party, een eurosceptische anti-immigratiepartij, die het wel eens goed zou kunnen gaan doen bij de meiverkiezingen voor het Europese Parlement. Zijn angstzaaierij heeft betrekking op de immigratie, vooral de migratie van burgers van andere lidstaten van de Europese Unie naar Groot-Brittannië.

De premier heeft deze week de invoering aangekondigd van maatregelen die het voor migranten uit de rest van de EU moeilijker moeten maken om in Groot-Brittannië een uitkering te krijgen. Hij beweerde dat de restricties vergelijkbaar zijn met de beperkingen die elders in de EU gelden en dat ze in overeenstemming zijn met de Europese regelgeving.

Als deze maatregelen de goedkeuring kunnen wegdragen van de Europese Commissie, is er niets aan de hand. Maar wat niet door de beugel kan is de retoriek en de desinformatie waarmee Cameron zijn aankondiging gepaard heeft laten gaan.

‘Uitkeringstoerisme’

In een artikel in de Financial Times – een dagblad dat van oudsher niet terugschrikt voor nuances – heeft Cameron opgemerkt dat de inwoners van Roemenië en Bulgarije vanaf 1 januari “hetzelfde recht op werk in Groot-Brittannië zullen hebben als andere burgers van de Europese Unie”. Hij zei verder: “Ik weet dat veel mensen zich veel zorgen maken over de invloed die dit op ons land kan hebben. En ik deel die zorgen”.

In vroegere tijden, toen premiers minder geneigd waren de oren te laten hangen naar emotioneel populisme, of meer morele moed hadden, zouden ze iets aan deze zorgen hebben gedaan of er zelfs tegenin zijn gegaan, maar Cameron deelt ze slechts.

De beschikbare cijfers duiden erop dat migranten uit andere delen van de Europese Unie netto juist bijdragen aan het Britse belastingsysteem en sociale stelsel

In de eerste plaats geeft hij ze verkeerd weer. Hij verwart doelbewust de zorgen over het recht van Roemenen en Bulgaren op een sociale uitkering met hun recht op werk. Dat is een belangrijk onderscheid om in de gaten te houden, in het licht van de gevaarlijke retoriek over 'uitkeringstoerisme'. De beschikbare cijfers duiden erop dat migranten uit andere delen van de Europese Unie netto juist bijdragen aan het Britse belastingsysteem en sociale stelsel. De Britse regering heeft daar nog maar weinig tegenin kunnen brengen.

Immigranten in het verdomhoekje

Maar afgezien van de ongefundeerde toespelingen op misbruik van de sociale voorzieningen komen de bedenkingen van Cameron tegen migrantenwerkers gevaarlijk dicht in de buurt van het “Britse banen voor Britse arbeiders” – een oproep die meer te maken heeft met chauvinisme dan met economisch inzicht.

De harde waarheid is dat Groot-Brittannië de immigranten hard nodig heeft. Zonder immigratie zal de economie het moeilijk krijgen, vooral nu – zoals Cameron zelf erkent – de inheemse beroepsbevolking bepaalde vaardigheden mist. Maar zijn bewering dat de regering (ook al is het veel te laat) investeert in trainingen en opleidingen geeft hem nog niet het recht om de huidige migranten in het verdomhoekje te plaatsen.

Misschien omdat hij inziet dat zijn argumenten intellectueel gezien weinig om het lijf hebben, bepleit Cameron een herziening van de regels voor het vrije verkeer van mensen en goederen in de EU, die volgens hem tot “grote volksverhuizingen” hebben geleid.

Bangmakerij

Het contrast met de recente toespraak van Herman Van Rompuy, de president van de Europese Raad, die erop heeft aangedrongen niet te overdrijven en erop heeft gewezen dat er voor iedere in Londen werkende Pool twee Britten aan de Spaanse kust liggen, had nauwelijks sterker kunnen zijn. Hij heeft het vrije verkeer van personen verdedigd en de Europese leiders opgeroepen vooroordelen te bestrijden “met feiten, met begrip en met overtuiging”. Het siert de Europese commissaris voor werkgelegenheid en sociale zaken, László Andor, dat hij dit probeert te doen. Meer leden van de Europese Commissie zouden zijn voorbeeld moeten volgen.

Helaas zijn dit niet de eigenschappen die Cameron tentoonspreidt. In plaats daarvan is hij aan een strijd begonnen die hij niet kan winnen – zelfs zijn angstzaaierij kan die van de UKIP en het nog onsmakelijker extreem-rechts niet overtreffen, noch die van sommige Britse media.

Als Cameron écht wil praten over een hervorming van de EU, moet hij afzien van de bangmakerij. De politieke partij waaraan hij leiding geeft, was ooit een kampioen van de vrijheid in de EU: deze vrijheden zijn nog steeds de moeite van het beschermen waard.