In een zijstraat aan de rand van de Europese wijk in Luxemburg bevindt zich een wit gebouw van drie verdiepingen. Er wordt nog volop gewerkt aan de gevel en op het gebouw staat een bescheiden logo dat alleen de oplettende voorbijganger opvalt: ESM. Het is een gebouw zoals alle andere, geflankeerd door kantoren waarin handelsondernemingen en de voornaamste financiële instellingen ter wereld gevestigd zijn. Maar in het gebouw gebeurt iets bijzonders: hier werken meer dan honderd mensen aan een van de meest indrukwekkende prestaties van de Europese regeringen tijdens de crisis.

De Engelse afkortingen EFSF en ESM staan voor Europese Faciliteit voor financiële stabiliteit (EFSF) en Europees Stabiliteitsmechanisme (ESM), de noodfondsen van de eurozone. Het EFSF heeft een derde gefinancierd van de 78 miljard euro die de trojka sinds 2011 aan Portugal heeft geleend. Het ESM, dat de plaats van het EFSF heeft ingenomen, is het permanente anti-crisismechanisme van de eurozone; het heeft een capaciteit van 500 miljard euro. Als het hervormingsprogramma van Portugal in mei volgend jaar afloopt en het land dan nog behoefte heeft aan extra financiële steun, een nieuw reddingsplan of een beschermingsprogramma, dan moet het een beroep doen op het ESM.

Besmetting stoppen

Het team in Luxemburg is er trots op dat het – na drie zware jaren – bewezen heeft dat het in staat is om te voldoen aan de eisen van de markten en de regeringen, ook al gaat het bij die laatste vaak om lastminuteverzoeken.

Het begon allemaal in mei 2010 met het eerste reddingsplan voor Griekenland ter hoogte van 110 miljard euro, dat toen nog werd gefinancierd door bilaterale leningen van de lidstaten van de eurozone in combinatie met geld van de Europese Unie en het Internationaal Monetair Fonds. De regeringen van de eurozone, die ervan overtuigd waren dat de crisis daarmee bezworen was, besloten een financieel instrument op te richten dat in Luxemburg zou worden gevestigd, weinig personeel nodig had en noodlijdende landen geld zou kunnen lenen, ook al geloofden ze dat die situatie zich niet zou voordoen.

Het idee was om de Griekse oplossing te versterken om zodoende de besmetting te stoppen; een boodschap die doorklonk in de naam die het instrument kreeg: Europese Faciliteit voor financiële stabiliteit.

"Het oorspronkelijke idee achter het EFSF als instelling met vijftien medewerkers was om over een verdediging te kunnen beschikken die nooit zou worden gebruikt", vertelt Rolf Strauch aan Negócios. De 47-jarige Strauch is lid van de raad van bestuur van het ESM en hij was de eerste die door Klaus Regling, destijds voorzitter van het EFSF en later van het ESM, werd aangenomen. Strauch is verantwoordelijk voor de strategie en de economische en financiële analyses van de Europese reddingsplannen. Hij stapte begin juli 2010 over van de ECB naar het EFSF, dat toen net opgericht was, en is dus van het begin af aan betrokken geweest bij het eerste noodfonds van de eurozone.

Triple screen computers

Een instelling oprichten is een bijzondere ervaring. Besluiten gaan over fundamentele zaken en fouten worden soms duur betaald, brengt de 51-jarige Christophe Frankel in herinnering. Hij is adjunct-directeur van het ESM en was de vijfde persoon die naar Luxemburg kwam voor de oprichting van het EFSF. Daarvoor werkte hij in Parijs in de particuliere sector.

"Wij hadden geen computers, geen kopieerapparaat, geen papier: we zijn begonnen met niets, zelfs op het gebied van personeel – als je een klein team aanstelt, zijn alle keuzes uiterst kritisch", verklaart het hoofd van de afdelingen die belast zijn met schuldemissies, investeringen en leningen aan overheden. Deze afdelingen zijn nu ondergebracht in een kantoor op de begane grond en maken gebruik van triple screen computers.

João Gião was een van die kritische personeelskeuzes. Hij arriveerde als twaalfde in Luxemburg, nadat hij zijn baan bij de CMVM – de toezichthouder van de Portugese kapitaalmarkt – had opgegeven, en maakte het oorspronkelijke team van het EFSF compleet.

Het veiligstellen van de eurozone

Wij moeten klaarstaan om te reageren op besluiten die op politiek niveau genomen worden

Gião (36) is momenteel een sleutelfiguur van de juridische afdeling van het EFSF en het ESM. "Het belangrijkste verschil tussen ons en een traditionele instelling is de politieke factor: een particuliere onderneming houdt een businessplan aan en beheert haar financiële middelen volgens de regels, maar zo´n planning is niet weggelegd voor een instelling als het ESM; wij moeten klaarstaan om te reageren op besluiten die op politiek niveau genomen worden", merkt Frankel op.

"Het spannendste moment was eind 2011, toen wij leningen moesten uitgeven omdat de lidstaten geld nodig hadden. Maar de marktomstandigheden waren harder geworden en de emissie verliep moeizamer", herinnert Christophe Frankel zich, die verantwoordelijk was voor de EFSF-financiering van de daaropvolgende leningen aan landen in nood.

Op dat moment heeft het EFSF zijn financieringsbeleid veranderd. Tot die tijd haalde het fonds dezelfde bedragen die aan de landen waren geleend op de markt, met dezelfde looptijd. In november 2011 "hebben we een strategie inzake een gediversifieerde financieringsbasis aangenomen, die een scheiding aanbrengt tussen onze financiering en de behoeften van de begunstigde landen", leg Frankel uit. Dat is nu nog steeds de regel: de noodfondsen doen uitgifte op grond van diverse looptijden en volgens de beste kansen.

Dankzij het werk van het EFSF in de praktijk was er ervaring opgebouwd en tegelijkertijd voelden de Europese politieke leiders de behoefte om een permanente instelling op te richten om de eurozone veilig te stellen. Eind 2012 werden de onderhandelingen succesvol afgerond en was de geboorte van het Europees Stabiliteitsmechanisme (ESM) een feit. Het zou de plaats innemen van het EFSF, waaruit het was voortgekomen, en door hetzelfde team worden geleid.

Europese kredietverstrekkers

Het Europees Stabiliteitsmechanisme is uitgerust met een andere logica, bedoeld om de fouten uit het verleden goed te maken. "Vanuit juridisch oogpunt bezien zijn het EFSF en het ESM heel verschillend", legt João Gião uit. "Het EFSF is een particuliere maatschappij naar Luxemburgs recht en haar schuldprogramma berust op een systeem van garanties van de eurolanden die zijn ratingniveau waarborgen."

Omgekeerd "is het ESM een internationale financiële instelling", benadrukt specialist Gião, en als zodanig is dit fonds onderworpen aan het "internationaal publiekrecht". Bovendien "is het systeem van garanties vervangen door een bij het ESM geplaatst kapitaal [80 miljard euro], dat nu een van de pijlers van de kredietkwaliteit van het ESM is".

Wat in de zomer van 2010 begon als een investeringsinstrument met vijftien medewerkers dat nooit in actie zou hoeven komen, is uitgegroeid tot een van de belangrijkste Europese kredietverstrekkers aan overheden, die herstelprogramma's financiert in vijf landen ter waarde van ongeveer 240 miljard euro en over een organisatie van meer dan honderd medewerkers beschikt.