Ze heten Sascha, Aurélie, Erwin, Astrid, Camille, Julia of Quirin. Ze zijn tussen de 18 maanden en 7 jaar oud. Deze kinderen hebben met elkaar gemeen dat ze een Franse en een Duitse ouder hebben die in een felle echtscheidingsprocedure verwikkeld zijn en vormen nu het voorwerp van getouwtrek tussen beide ouders en de rechtssystemen van beide landen. Ieder jaar vragen 30.000 stellen met verschillende nationaliteiten in Duitsland een echtscheiding aan, tegen 140.000 binationale stellen in de hele Europese Unie.

Om deze procedures te vergemakkelijken hebben veertien landen van de Europese Unie, waaronder Duitsland en Frankrijk, in juni een lang verwachte echtscheidingsovereenkomst ondertekend. “Een historische mijlpaal”, aldus de Duitse minister van Justitie, Sabine Leutheusser-Schnarrenberger, bij de ondertekening van deze wet die begin 2011 in werking zou moeten treden [zie hieronder].

Een kind dat in duitsland opgroeit moet daar voor zijn welzijn blijven

De veertien EU-landen zijn het eens geworden over een gemeenschappelijke regel: in geval van een conflict zal de echtscheiding worden uitgesproken in het land waar de echtelieden voor hun echtscheiding woonachtig waren. Dit is een belangrijke stap voorwaarts, want tot op heden was het rechtssysteem van toepassing van het land waar een van beide echtgenoten als eerste een echtscheidingsprocedure aanhangig had gemaakt.

In het geval van Frans-Duitse stellen hadden vaders er belang bij om een verzoek tot echtscheiding in Frankrijk in te dienen, omdat de alimentatie in dit land beduidend lager ligt. Moeders kunnen dit weer beter in Duitsland doen, omdat zij hier meer rechten hebben”, aldus Jean-Patrick Revel, een Franse advocaat gespecialiseerd in familierecht en kantoorhoudend in Berlijn. “Maar voor de voogdij en de woonplaats van de kinderen – netelige kwesties – verandert deze nieuwe regelgeving niet veel”, relativeert hij.

Want in andere internationale teksten is vastgelegd dat alle afspraken ten aanzien van de kinderen afhangen van hun woonplaats. En justitie in Duitsland houdt dit uitgangspunt zeer strikt in acht omwille het ‘welzijn van het kind’, een begrip dat op velerlei manieren kan worden uitgelegd. Voor een Duitse rechtbank houdt dat in dat het kind daar moet blijven wonen waar het gesocialiseerd is. Als een kind in Duitsland is opgegroeid, is het dan ook erg moeilijk om hem naar Frankrijk te sturen als zijn Franse moeder naar haar land wil terugkeren. Het kan dan zelfs onmogelijk zijn om Duitsland te verlaten, al is het maar voor vakantie, als de rechtbank van mening is dat er kans op ontvoering bestaat.

Heel wat aanbevelingen van het Jugendamt (Duits bureau voor jeugd- en jongerenzaken, waarvan de adviezen vaak worden overgenomen door Duitse familierechters) roepen gevoelens van verbittering, woede en angst bij de niet-Duitse ouder op. Caroline, 38 jaar, heeft haar zoon Sascha al acht maanden niet meer gezien. Op het moment van de scheiding was Sascha nog geen 1 jaar oud. De vader van het kind had zijn Franse vrouw vóór de scheiding in een psychiatrische inrichting laten opnemen. De voogdij van

Extreme en onbegrijpelijke beslissingen

Alain, 45 jaar, over zijn dochtertje dat in Duitsland is geboren, is hem afgenomen omdat hij zo goed als blind is, “alsof een slechtziende zijn kind niet zou kunnen opvoeden!”. Karine heeft twee kinderen, maar heeft alleen de voogdij over haar zoon gekregen. Haar oudste, een meisje, is aan de Duitse vader toegewezen, omdat de Duitse autoriteiten van mening waren dat het geen probleem was om de kinderen van elkaar te scheiden “omdat ze elkaar nog maar zo kort kenden”. Het komt soms voor dat dergelijke extreme en onbegrijpelijke beslissingen worden genomen bij echtscheidingen van Duitse stellen. Maar als er een buitenlandse ouder bij betrokken is, leidt dit onvermijdelijk tot discriminatie.

Hoe kan het gebeuren dat gezinnen zo verscheurd worden? “De Duitsers en de Fransen hebben allebei een volstrekt andere opvatting van het familierecht”, meent jurist Jean-Pierre Copin, die heeft meegewerkt aan een drie jaar durend Frans-Duits pilotproject voor gezinsmediation. Dit project was in 2003 van start gegaan op initiatief van de ministers van Justitie van beide landen, maar moest wegens geldgebrek weer worden stopgezet. “In Frankrijk gaan we van het principe uit dat het kind, wat er ook gebeurt, recht heeft op beide ouders”, legt hij uit. “Bij conflicten wordt alles op alles gezet om ervoor te zorgen dat de band met een van de ouders nooit wordt verbroken. In het ergste geval wordt de omgang onder toezicht geregeld. In Duitsland wordt voorrang gegeven aan de ‘bescherming van het kind’ in geval van een conflict tussen de ouders. Justitie kan dan besluiten om het contact tussen het kind en een van de ouders te verbreken indien ze niet meer met elkaar door één deur kunnen. Daardoor kunnen de ouders gedwongen worden om hun ruzie bij te leggen. Maar justitie kan ook besluiten om de band te verbreken met het risico dat dit tot een affectieve verwijdering kan leiden.

Al deze Fransen, overtuigd dat ze de dupe zijn geworden van de Frans-Duitse vriendschapsbanden, geloven al heel lang niet meer dat Frankrijk hen te hulp zal komen. Door het geval van Françoise hebben ze hun vertrouwen nog verder verloren. Ondanks de tegenstand van haar ex-man verliet zij Duitsland met haar 7-jarige zoon Fabien om weer in Frankrijk te gaan wonen. De Duitse justitie had hiervoor toestemming verleend, maar de Franse justitie heeft onlangs besloten dat Fabien weer bij zijn vader moet gaan wonen, met het risico dat hij nooit meer naar Frankrijk zou kunnen terugkeren.

De Franse rechter was namelijk van mening dat er een risico zou bestaan dat het kind, dat nu ver van Duitse scholen woonde, de band met zijn vader zou verliezen omdat deze alleen Duits spreekt. De Franse ouders van Frans-Duitse kinderen durven zelfs niet meer te hopen op een soortgelijke uitspraak van de Duitse justitie. “Ik geloof niet meer dat de Duitse justitie op een dag een Duitse moeder zal veroordelen omdat zij heeft geprobeerd om haar kind van zijn vader te scheiden”, verzucht Alain. “Zelfs wanneer – zoals in mijn geval – de psychologische rapporten benadrukken dat de moeder niet echt in staat is om haar kind op te voeden.