Met de financiële steun van de internationale instanties moet ons land – met andere woorden eenieder van ons – nadenken over hoe we ons leven anders kunnen inrichten. Net als in Griekenland en Ierland is de Portugese bevolking niet meer in staat volgens de Europese normen te leven. En ja, om te overleven moeten we een prijs betalen: we moeten ophouden ons als Europeanen te gedragen. Feitelijk zijn we uit de ‘club der rijken’ gezet. We zouden moeten besluiten om ons aan te sluiten bij de derde wereld.

Wij zijn zelf als eerste debet aan de huidige situatie. Maar Europa heeft ook zijn plicht tot solidariteit jegens de zwakkeren verzaakt. Het heeft ons laten vallen. Europa legde ons steeds strengere regels op waarnaar wij ons vaak geschikt hebben. Het komt in enige mate neer op de overgang van het plukken van een vrucht naar de logistiek die noodzakelijk is voor de goede functionering van een restaurant.

Het moment zal aanbreken waarop we zien dat een gezin voor zijn huis hotdogs moet gaan verkopen om te overleven; een klusjesman met twee linkerhanden zijn brood zal verdienen met het installeren van schakelaars; producenten huisgestookte brandewijn en niet-gecertificeerde gerookte ham zullen verkopen; de monteur uit de buurt eigenhandig een uitlaat in elkaar knutselt en onder een auto zet; en dat wij genoegen moeten nemen met minder goed onderhouden autowegen zonder tankstations en reflecterende strepen op de weg – of zelfs helemaal geen strepen – maar wel gratis autowegen.

Zelfs een Jacques Delors zal ons dat niet gegund hebben

Gaan we een stap terug? Wordt ons land door de crisis een minder veilig, minder gecertificeerd en minder Europees land? De Autoriteit voor economische veiligheid en voedselveiligheid (ASAE), de algemene periodieke keuring van auto’s en de veiligheid van speeltuinen zullen zeker op de schop worden genomen. Wat ons wellicht te wachten staat, is een land waarin iedereen zelf maar moet uitvogelen hoe hij brood op de plank krijgt, bijvoorbeeld door het verkopen van levende dieren op de markt, het vervoeren van passagiers in oude brikken en het verkopen van eieren rechtstreeks uit het kippenhok, zonder al die ingewikkelde maatregelen die Brussel ons oplegt…

We zullen makkelijker het loodje leggen, er zullen meer ongelukken plaatsvinden en we zullen minder hulp en meer pech krijgen. En dan zullen we er al heel snel achterkomen of onze “desenrascanço” [houtje-touwtjecultuur, red.] functioneert zonder dat we aan de leiband van Europa liggen.

Een andere hypothese: laten we de handen uit de mouwen steken. Laten we ons bevrijden van het juk van de staat. Laten we de koe bij de hoorns vatten en stoppen met de regering aansprakelijk te stellen voor al onze ellende. Laten we zelf onze eigen pluspunten definiëren: wijn, olijfolie, toerisme, geavanceerde technologieën, de zee, kurk, schoenen en hernieuwbare energie – en laten we ze voor eens en altijd exporteren zonder lijdzaam af te wachten tot we ertoe aangespoord worden.

Laat onze regering zo moedig zijn om het justitiële apparaat te hervormen en korte metten te maken met misbruik op het gebied van sociale uitkeringen. Laten we ervoor zorgen dat de 'generatie platzak' banen creëert in plaats van te wachten tot ze uit de lucht komen vallen. En dan zijn we over een paar jaar weer Europees. Maar dan zijn we het wel op eigen kracht geworden. Niemand zal het ons gegund hebben, zelfs Jacques Delors niet.