In de Amerikaanse media was er recent een en ander te doen over wat heet de 'Europese Tea Party'. Die heeft men hier ontdekt sinds de overwinning van de Echte Finnen bij verkiezingen in dat land en de sterke peilingen van Front National-voorvrouw Marine Le Pen in Frankrijk.

Tea Party-gevoelens worden geëxporteerd naar Europa, heet het. Als het in Washington regent, dan druppelt het in Helsinki, Parijs en de Vlaamse Dorpsstraat. En als de Amerikaanse Tea Party in opstand komt tegen Washington, dan de Europese tegen Brussel.

Europese Tea Party is een begrip dat nergens op slaat

Voor de goede orde: buiten een paar eenlingen met een Facebookpagina is 'de Europese Tea Party' natuurlijk een begrip dat nergens op slaat. Het is net andersom. De Tea Party is de Amerikaanse expressie van de gevoelens die in Europa al jaren een uitlaatklep hadden in partijen als het Vlaams Blok/Belang, het Front National in Frankrijk, de Lijst Pim Fortuyn [opgeheven in 2008] in Nederland, of de Lega Nord in Italië. Filip Dewinter [van het Vlaams Belang] spuide zijn praatjes al toen Sarah Palin nog gewoon meehielp in het visbedrijf van haar man in Wasilla, Alaska. Dat mogen we dus wel even voor onszelf claimen.

Je kan ook aanvoeren dat de zogenaamde Europese Tea Party bezorgd is over het behoud van haar sociale voorzieningen, terwijl de Amerikaanse versie net vol afschuw is bij het idee van een verzorgingsstaat naar Europees model. Obama mag geen poot verzetten in het sociaal beleid of er wordt gegild dat het communisme in aantocht is. Legio verschillen, dus. Maar dat neemt niet weg dat de bronnen van het ressentiment zeer gelijkaardig zijn.

De existentiële angsten van de blanke arbeiders- en middenklasse

Au fond gaat het telkens over de existentiële angsten van de blanke arbeiders- en middenklasse. Aan beide kanten van de Atlantische Oceaan vreest de blanke burgerman dat zijn land hem wordt afgepakt, dat hij verdrongen wordt door immigranten en dat de wereld waar hij zo lang comfortabel in leefde naar de haaien gaat. Aan beide kanten leeft ook de afkeer van allerlei hooghartige elites die neerkijken op gewone mensen en hun eigen volksaard verfoeien.

Er wordt trouwens heel wat heen en weer getelefoneerd tussen populistische rechts aan beide kanten van de oceaan. Onlangs nog was Tim Phillips, de voorzitter van Americans for Prosperity, een van de Republikeinse dekmantelgroepen achter de Tea Party, in Noorwegen om de extreemrechtse Vooruitgangspartij te leren hoe je een 'spontane' basisbeweging uit de grond stampt. Dat ook het Vlaams Belang banden heeft in de VS is bekend. Bart De Wever haalt inspiratie bij de ook in Amerikaanse Tea Party-kringen graag gelezen Britse publicist Theodore Dalrymple. En de persoonlijke adviseur van Geert Wilders is Paul Beliën, de echtgenoot van Vlaams Belang-kamerlid Alexandra Colen, die uitstekende contacten heeft in aangebrand rechts Amerika.

Het raakvlak is anti-islamitische paranoia. De 'Eurabië'-theorie die wil dat moslimimmigranten de vijfde colonne zijn voor de islamisering van Europa, is aan beide kanten van de oceaan populair. In een aantal Amerikaanse staten lopen er initiatieven om het gebruik van de Sharia in de rechtbanken te verbieden. Dat gebeurt overigens nooit, maar het geeft wel aan dat de Tea Party dichter bij lui als Wilders en De Winter staat dan je misschien wel zou denken.

Het is begrijpelijk dat het vandaag is gaan etteren in het hele Westen

Het mag allemaal natuurlijk geen verrassing heten. In 1964 al beschreef de Amerikaanse historicus Richard Hofstadter in zijn klassieke essay The Paranoid Style in American Politics de angst voor zulke duistere elites die de boel bestieren vanuit de schaduw. De wereld is dan een clash tussen absoluut Goed en Kwaad en compromissen zijn uitgesloten.

U kent de verhalen wel: de moslims willen het Westen onder de voet lopen. De linkse kerk wil uw centen aan het allochtone profitariaat geven. Obama is een islamitische undercoveragent. Zijn ziektehervorming is een excuus om oudjes om te brengen. In Brussel maakt men plannen voor een dictatoriale Europese superstaat. Of het nu hier of daar is, overal ziet men samenzweringen tegen de kleine blanke burgerman.

Dat het precies vandaag zo gaat etteren in het hele Westen, is ook begrijpelijk. De veilige oude wereld komt nooit meer terug. Aan beide kanten van de oceaan heeft de Grote Recessie pijn gedaan. Werkloosheid, armoede en bestaansonzekerheid woekeren voort. Er zijn problemen met immigratie. Voeg daaraan toe een reeks opstanden met onzekere uitkomst in het Midden-Oosten en je zou voor minder ongerust worden.

Legitieme onrust dreigt om te slaan in irrationele reacties

Dat leidt in een groeiende reeks landen tot balorige reacties van het electoraat, waarbij men zichzelf, bogend op een idyllisch verleden dat in de verbeelding ergens ter hoogte van de jaren vijftig bestond, aanpraat dat het zonder de rest van de wereld allemaal veel beter zou gaan. Iedereen die het daar niet mee eens is, is een volksvreemde intellectueel, een slechte Vlaming of een 'onechte' Amerikaan of Fin. En zo dreigt legitieme onrust over de staat van de wereld om te slaan in irrationele reacties die alles alleen maar erger maken.

Wat aan beide kanten van de Atlantische Oceaan dreigt, is een zelfdestructieve vicieuze cirkel. De kans is groot dat mensen die nu achter de populisten aanlopen zich aan de stembus nog baloriger gaan gedragen, waardoor de populisten nog meer veld winnen en rationele oplossingen nóg moeilijker worden.

Potentiële rampen daargelaten, is het voorlopige resultaat alleszins steeds meer onbestuurbaarheid, een stijgende onmacht om iets te doen aan de Grote Vragen van de dag. En dat zie je zowel in Washington als in Helsinki of Den haag, en in de Europese en Belgische incarnaties van Brussel.

Lees hier het volledige artikel van Tom Vandyck.