Merkwaardig toch hoe weinig we leren uit de opeenvolgende gezondheidscrisissen. We sukkelen van dioxine naar BSE, van Sars naar Mexicaanse griep. En nu dus de akelige EHEC-bacterie, sterker nog: een zeldzame en dreigende variant ervan. En telkens gebeurt grofweg hetzelfde. Paniek slaat toe, handel of verkeer valt stil, economische activiteit krimpt, spanningen lopen op. Tot dusver is het er telkens mee geëindigd dat de gevreesde gevolgen ruim onder de dramatische verwachtingen bleven. Vervolgens gingen we weer verder in de illusie dat voedsel veilig is, ziektes door medicijnen worden verslagen en onheil hoofdzakelijk anderen overkomt. Ook deze keer?

Voorlopig kan de conclusie slechts zijn dat de economische gevolgen in geen verhouding staan tot het bewezen gevaar. De bacterie is een doder, maar bij de vele honderden aangetoonde ziektegevallen is het aantal overlijdens beperkt tot achttien. Dat zijn achttien zeer te betreuren sterfgevallen, maar ook slechts achttien, een miniem percentage van de Duitsers en bezoekers van Duitsland die in een week door andere oorzaken aan hun einde komen. Geen reden om een heel continent in rep en roer te zetten. Er is vooralsnog geen aanwijzing dat al die patiënten zelf besmettelijk zijn. Het is de pest nog niet, laten we wel wezen.

Rampzalig is hoe snel de primaire reflexen optreden

In een tijd waarin voedsel pijlsnel structureel duurder wordt, vinden we er niets beter op dan het weg te gooien, tot veevoer te verwerken of op het veld te laten rotten. Gewoon omdat niemand het nog wil. Dat Rusland of andere verre afnemers de grenzen sluiten is te betreuren, maar nu eenmaal te verwachten. Maar dat binnen Europa opnieuw meteen totale verbrokkeling optreedt, is bepaald onrustwekkend.

We zagen het in de bankencrisis, we zien het in de Griekse financiële crisis, we krijgen het als het straks op de energiemarkt ieder voor zich is en we zien het opnieuw bij deze voedselhysterie. Europa dat de grenzen moet openen en openhouden, ziet lijdzaam toe hoe ze door kortzichtige communicatie dichtgaan en een economische rampspoed aanrichten die in geen enkele verhouding staat tot de aanleiding.

Er is een lichtpunt. Er wordt door wetenschappers internationaal samengewerkt om snel tot inzicht te komen over de besmetting en de remedies ertegen. De globalisering die met deze voedselcrisis weer haar zwakke zijde heeft laten zien, heeft ook een sterke kant. Kennis van overal ter wereld kan bliksemsnel worden gebundeld om oplossingen te produceren.

Zullen er dit keer lessen worden geleerd? Ook deze crisis zal door andere gevolgd worden. De vraag is alleen nog waar en wanneer.