Volgens terrorismespecialiste Loretta Napoleoni vormt IS geen directe bedreiging voor ons continent, maar de Europeanen hebben te weinig financiële en juridische middelen om het probleem van geradicaliseerde jongeren en teruggekeerde jihadisten uit het Midden-Oosten aan te pakken.

Welke dreiging gaat er vanuit IS uit?

De bedreiging bestaat voornamelijk uit de Europese jihadisten die uit het Midden-Oosten zijn vertrokken en terugkeren naar Europa om aanslagen te plegen, een relatief nieuw fenomeen. Gedurende lange tijd waren de buitenlandse IS-strijders in Irak en Syrië afkomstig uit het Arabische schiereiland en Afrika. Maar sinds het kalifaat is uitgeroepen in juni 2014 heeft IS veel strijders in Europa gerekruteerd. Dat is vooral te danken aan de geweldige rekruteringscampagne waarbij video's zijn gebruikt, zoals deze van drie jonge Britten die de jihadstrijd roemen en hun steun aan de moslimstrijders uiten, en door het succes van IS in Irak en Syrië te benadrukken. Ook de rol van de westerse media moet niet worden vergeten die, bewust of niet, als klankkast hebben gefunctioneerd voor de propaganda van de jihadisten. IS komt als een gevestigde macht over op de jongeren en oefent daardoor nog meer aantrekkingskracht op jonge Europeanen uit die gegadigden zijn voor de jihad.

Weten we hoeveel jihadisten terug zijn gekeerd vanuit Syrië en Libië naar Europa?

Het precieze cijfer is onbekend. We weten wel dat het grootste gedeelte van de jihadisten uit Syrië die terug zijn gekeerd naar Europa, zich in het Noorden bevindt en dan vooral in België. Het aantal strijders dat is teruggekeerd of dat wil terugkeren maar dat om de een of andere reden vastzit in het Midden-Oosten wordt op 120 geschat. Echter, de teruggekeerde strijders vormen momenteel niet een groot probleem, in ieder geval niet het grootste probleem: IS richt zich nu op de verovering van Bagdad en zolang de strijders de Iraakse hoofdstad niet in handen hebben en de positie van IS daar niet is versterkt, is het vraagstuk van de teruggekeerde jihadisten in Europa van secundaire aard. Zodra IS klaar is met het veroveren van grondgebied, zal het wel een probleem worden. Maar meer vanwege het feit dat het leven binnen het 'kalifaat' weinig te bieden heeft voor de Europese jihadisten dan vanwege een daadwerkelijk plan om de strijd naar Europa te verplaatsen. Het leven in het zelfuitgeroepen kalifaat, vergelijkbaar met het leven in Saoedi-Arabië, is tamelijk saai voor jongeren die in het Westen zijn opgegroeid: er is bijna geen sociaal leven buiten de privé-sfeer, de mannen leven gescheiden van de vrouwen en het merendeel van het vermaak is verboden.

Om dezelfde reden moeten we ook niet geloven dat de strijders worden gemotiveerd door het vooruitzicht volgens "de ware Islam" te leven: jonge Europese jihadisten zijn geen asceten die niet drinken, niet roken, enzovoorts.

Waar ze door worden aangetrokken, is de strijd tegen een onderdrukker (het Syrische, Iraakse of Libische regime) en de oprichting van een islamitische politieke utopie zoals verwoord door de Moslimsbroeders en daarna door Al-Qaida en ga zo door. Maar zodra deze utopie is gerealiseerd, is het zeer waarschijnlijk dat de jongeren naar Europa terugkeren.

Om wat te doen?

In ieder geval niet om hier een vreedzaam bestaan te leiden. Door hun land van oorsprong worden ze buitenspel gezet en ze worden nog steeds gedreven door een grote drang om wraak te nemen, zoals het voorbeeld van Jihadi John op trieste wijze laat zien. Deze Britse geradicaliseerde oud-student is verantwoordelijk voor meerdere onthoofdingen van gijzelaars die ontvoerd waren door IS. Het is dus zeer aannemelijk dat zij de strijd thuis voortzetten.

Er zijn ook strijders die zijn vertrokken en zich realiseren dat zij een fout hebben gegaan. Zij pakken het normale leven waarschijnlijk wel weer op zodra ze in Europa terugkeren.

Hoe reageren de Europese landen op dit vooruitzicht?

Niet of nauwelijks, aangezien ze er simpelweg geen geld voor hebben. Het probleem van het Europese antiterrorismebeleid is voornamelijk van economische aard: de verhouding tussen het aantal Europese jihadisten en de mankracht en technische middelen die beschikbaar zijn om hen in de gaten te houden, is overduidelijk onevenredig. De Europese veiligheidsdiensten proberen te voorkomen dat ze terugkomen naar Europa, maar dat leidt tot juridische en politieke problemen. Het is bijna onmogelijk een staatsburger in het bezit van een paspoort van het land te weigeren en aan te tonen dat hij of zij in Syrië, Irak of Libië was om te vechten.

Daarbij komt dat meerdere Europese landen nu bezig zijn strijders die vechten tegen IS in Syrië te bewapenen. Hoe hou je de verschillende strijders uit elkaar? Deze kwestie vraagt om een politieke oplossing: het ontnemen van het staatsburgerschap is op bepaalde voorwaarden mogelijk, zeker indien iemand een dubbel paspoort heeft.

Het meest waarschijnlijke scenario is echter dat ze in Syrië vastzitten. Daarom is er een internationaal akkoord nodig voor een procedure waardoor zij die dat wensen, die berouw hebben van de jihad, in alle veiligheid in hun land van herkomst kunnen herintegreren. Tijdens een bezoek aan België heb ik gesproken met politici die hebben aangegeven dat het merendeel van de Belgen die terugkomen uit Syrië (over het algemeen zeer jongvolwassenen) hadden begrepen dat ze een fout hadden begaan en hun daad betreurden. Maar ze vreesden ook hun terugkeer. Een procedure voor teruggekeerde jihadisten die terug willen keren in de maatschappij, is onontbeerlijk.

Lees de rest van interview in het Frans.

Loretta Napoleoni, L'Etat islamique (Calmann Levy, 2015).

(Foto : Channel 4 News)