"Hallo buurman! De late verzoening":kopt de Oostenrijkse krant Die Presse. De krant doelt op het onderzoek "Het samenleven aan weerszijden van de grens" dat het Oostenrijkse Genootschap voor Europees Beleid heeft gedaan. Daaruit blijkt dat de Oostenrijkers de afgelopen tien jaar duidelijk positiever zijn gaan denken over hun oosterburen (Hongaren, Tsjechen en Slowaken).

De enquête werd gehouden onder 500 mensen in drie regio’s, te weten Opper-Oostenrijk, Neder-Oostenrijk en Burgenland. Uit het onderzoek kan worden afgeleid dat het openstellen van de grenzen twintig jaar geleden niet langer wordt ervaren als aanval op de maatschappelijke stabiliteit van het land, aldus het dagblad. Toerisme en handel hebben bijgedragen aan een betere vorm van samenleven aan weerszijden van de grenzen.

De inwoners van de grensstreken in Tsjechië, Slowakije en Hongarije komen voornamelijk naar Oostenrijk om iets te kopen. Dat leidt tot een nieuwe koopkracht in deze in economisch opzicht zwakke regio’s in het oosten van Oostenrijk. Het is dus niet zo vreemd dat de autochtone inwoners een positieve balans opmaken als het gaat om de arbeidsmarkt. Van de ondervraagden noemt 47% in Opper-Oostenrijk, 40% in Burgenland, 36% in Neder-Oostenrijk in de buurt van Slowakije en 34% in de grensstreek met Tsjechië dit “een positieve ontwikkeling” voor de arbeidsmarkt.

Enige wanklank bij deze nieuwe genegenheid is dat de criminaliteit uit Oost-Europa voor het gevoel van de Oostenrijkers is gestegen. De statistieken weerleggen deze indruk echter, merkt Die Presse op.