De nieuwe Franse ministers van Buitenlandse Zaken en Europese Zaken, Laurent Fabius en Bernard Cazeneuve, hebben één ding gemeen: ze stemden 'nee' tijdens het referendum over de Europese grondwet in 2005 en tijdens de ratificatie van het Verdrag van Lissabon in 2008.

Toch mogen de Europese partners van Frankrijk hieruit niet "concluderen dat de buitenlandpolitiek van François Hollande een enigszins anti-Europees tintje heeft. Dat zou een vergissing zijn", schrijft Le Monde. De krant benadrukt dat er sprake is van "een onoverkomelijke politieke realiteit":

De Fransen wantrouwen Europa. Ze zijn eurosceptisch, en neigen ernaar zich in zichzelf terug te trekken, alsof ze het Europese eenwordingsproject de schuld geven van alle tekortkomingen van het economische liberalisme. Europa is zeker een grote markt: dat is een van zijn sterke punten, het geheim van zijn aantrekkingskracht en de motor achter zijn concurrentievermogen. Maar Europa zou ook een politiek en maatschappelijk project moeten zijn. Laurent Fabius kan wel eens niet de minst aangewezen persoon zijn als woordvoerder van dit Europa.

Ook Libération constateertdat Fabius en Cazeneuve niet "de enige eurosceptici in de regering" zijn, maar de linkse krant schrijft ook dat dit niet nadelig hoeft uit te werken op het Franse Europa-beleid:

François Hollande heeft ze op posten gezet die in werkelijkheid weinig invloed hebben op Europese Zaken. In feite worden die afgehandeld door het Elysée en zijn ze het ‘exclusieve domein’ van het staatshoofd.