Cover

Het was begonnen als een dwaze vertoning: kandidaten en zelfs hele kieslijsten van partij van de Italiaanse premier Silvio Berlusconi waren wegens procedurefouten uitgesloten van deelname aan de regionale verkiezingen die op 28 maart op het programma staan. Maar toen de gemoederen bedaard waren en de regering erachter kwam dat ze in Rome en Milaan een verkiezingsnederlaag zou lijden, nam het kabinet een verrassende noodgreep: het vaardigde een op maat gesneden verordening uit met terugwerkende kracht. Met deze verordening werd het deelnamereglement veranderd waardoor kandidaten alsnog hun plaats op de kieslijst konden behouden. De oppositieleden, die op dat moment nog niet hadden gereageerd, waren gechoqueerd maar konden geen eensluidend antwoord formuleren: sommigen vonden dat de verordening ongrondwettig was en organiseerden demonstraties, terwijl anderen overwogen om zich terug te trekken als kandidaat. De oppositiekrant La Repubblica meent dat terugtrekking geen optie is voor de oppositie: “We zijn getuige van een ongeëvenaarde neiging tot eigengereide wetgeving, alsof het land helemaal niet zou bestaan. De oppositie moet door middel van haar stem [de regerende partij] van dit idee afhelpen”.