De dertigste EU-Ruslandtop die op 20 en 21 december in Brussel gehouden wordt, kenmerkt zich door de verschillen tussen de twee partners: van de houding ten opzichte van Syrië en de energiemarkt via de mensenrechten en Iran tot de Arabische lente en de handel. Al deze onderwerpen werden zorgvuldig vermeden tijdens het diner waarbij de Russische president Vladimir Poetin en de voorzitters van de Europese Raad en Commissie, Herman van Rompuy en José Manuel Barroso, aanzaten. Maar tijdens de bijeenkomst van vandaag met de leiders van de lidstaten werden ze, en dan vooral waar het de energiemarkt en de handel betrof, toch ter sprake gebracht.

De sfeer lijkt nog dreigender te worden, schrijft The Guardian, nu Poetin doof lijkt voor de roep van Europa voor meer democratie en nu

het Europese Parlement op 13 december een resolutie heeft aangenomen waarin Rusland wordt gevraagd een einde te maken aan de vervolgingen, arrestaties en gevangenzetting om politieke redenen.

Op EUobserver, vertelt onderzoeker Dan Steinbock dat de recente handelsconflicten tussen Brussel en Moskou voor een gespannen bijeenkomst kunnen zorgen, maar dat beide partijen over hun verschillen heen moeten stappen en “het erover eens worden dat ze het oneens zijn”. Hij schrijft:

In de post-crisis-verhoudingen houden oude onderhandelingsposities niet langer stand. Vanuit EU-oogpunt zal Ruslands energiemacht in de loop van de tijd afnemen. Vanuit Russisch oogpunt heeft Brussel niet langer de economische, noch de morele macht om Moskou de les te lezen.

Hij voegt daaraan toe dat hoewel de EU zal blijven rekenen op Russische energieaanvoer, het recent ontdekte schaliegas de wereldwijde energiebalans uit evenwicht kan brengen:

Op de lange termijn zal het relatieve economische en strategische belang van zowel de EU als Rusland in de wereldeconomie afnemen. De werkelijke vraag is of Rusland of de EU de eerste zal zijn die de multipolaire toekomst omarmt, en de daarvoor vereiste compromissen zal sluiten.

Die mening wordt gedeeld door Le Monde, dat meent dat “in Brussel twee regio's met een identiteitscrisis bijeenzijn”:

De EU is verscheurd tussen de verbittering van zijn bevolking die door de crisis aan het eind van zijn Latijn is, en de noodzaak voor een gedurfde politieke en financiële integratie. Rusland, van zijn kant, stagneert en verkrampt omdat het land niet weet waar het heen moet.

De Franse krant herinnert eraan dat:

de aanhangers van toenadering tussen de EU en Rusland de gemeenschappelijke belangen op de voorgrond stellen, de samenwerking op energiegebied, wederzijdse investeringen, de culturele verwantschap. Ze doen net alsof ze de kloof die zich tussen de twee entiteiten vormt op het gebied van normen en waarden, niet zien. Rusland kaatst de bal terug en vraagt zich af van welke Europese constructie er sprake is als wij zelfs de fundamenten ervan niet willen verdedigen.

Le Monde wijst er vooral op dat “Rusland niet het Westen is. En dat wil het land ook niet meer zijn”.

De economische crisis in Europa en de Verenigde Staten heeft Rusland ervan overtuigd zijn heil elders te zoeken. Maar Moskou is niet blijkbaar niet in staat zijn eigen weg uit te stippelen aangezien het regime de hele wereld als instabiel en gevaarlijk beschouwt.