“Piloten vallen nu al in slaap”, luidt een artikel in De Standaard. De krant citeert een woordvoerder van de European Cockpit Association (ECA). Volgens deze vereniging van piloten zal de harmonisatie van hun werk- en rusttijden binnen de Europese Unie tot langere werktijden leiden. Zo zouden Belgische piloten langere nachtshifts moeten vliegen, van elf tot twaalf opeenvolgende uren in plaats van de huidige tien uur. De woordvoerder van de ECA zegt:

Vier op de vijf piloten klagen nu al geregeld over te weinig slaap en het komt bij tweederde van hen voor dat zowel captain als copiloot in slaap is gesukkeld terwijl de computer het werk doet.

Het slaapgebrek is niets nieuws: een paar dagen geleden kwam de Ierse lagekostenmaatschappij Ryanair in opspraak na klachten over de veiligheid aan boord:

Piloten getuigden dat ze “ziek of oververmoeid in de cockpit zitten” want “als we niet vliegen, krijgen we niet betaald” [volgens hen]. Een week eerder stelden piloten dat ze “onder druk worden gezet om te vliegen met zo weinig mogelijk brandstof aan boord”. Ryanair spreekt beide beschuldigingen tegen.

In een opiniestuk schrijven twee leden van de Dutch Expert Group on Avaition Safety dat de nieuwe Europese regels “uit de slechtste elementen van de huidige nationale regelingen bestaat”:

Je moet jezelf de vraag stellen hoe verstandig het de voorgestelde Europese werk- en rustregeling en de huidige Europese passagiersrechten zijn. Is het verstandig extreem lange werktijden structureel mogelijk te maken? En waarom zou je passagiers recht geven op vergoeding als een gezagvoerder voor hun eigen veiligheid tot een tussenlanding besluit?