“63,17 miljard wordt dit jaar in het zwart betaald”, zo bericht De Morgen. Het Brusselse dagblad meldt dat uit onderzoek van de Johannes Kepler Universiteit in het Oostenrijkse Linz is gebleken dat de schaduweconomie in België goed is voor 16,4 procent van de totale economie in het land. In totaal zijn 31 landen onderzocht. Het Belgische percentage is het laagste in de afgelopen tien jaar, maar desondanks het hoogste van alle West-Europese landen. In Duitsland ligt hetzelfde percentage bijvoorbeeld op 13 procent, in Frankrijk op 9,9 procent en in Nederland op 9,1 procent.

Uit het artikel in De Morgen blijkt dat de zwarte economie in Europa gemiddeld 18,5 procent van het bruto nationaal product bedraagt, een daling van 22,3 procent ten opzichte van 2003. Het zijn vooral de Oost-Europese landen waar de zwarte economie het weligst tiert.

De slechtste prestaties worden opgetekend in Oost-Europa. Ondanks een sterke groei van de economie blijft het zwarte circuit er groot, met uitschieters tot boven 30 procent, zoals in Bulgarije. Al is er toch enige verbetering zichtbaar. In Zuid-Europa is dat niet langer het geval. Daar lijkt het terugdringen van de informele economie tot stilstand te zijn gekomen. Landen zoals Portugal, Spanje en Italië hebben een zwarte economie die rond 20 procent van de officiële bedraagt. In Griekenland loopt dat op tot 25,4 procent. Voor de hele Europese Unie wordt de schaduweconomie geschat op 2,1 biljoen euro.

Een van de oplossingen voor dit probleem is om “het gebruik van contant geld te ontmoedigen”, aldus De Morgen:

Bij de verkoop van vastgoed worden binnenkort betalingen met cash geld verboden, zelfs voor een voorschot. Het lijkt me logisch dat uit te breiden tot sectoren zoals de kunsthandel, aan- en verkoop van tweedehandswagens en juweliers.