De Britse premier David Cameron heeft in een interview met de BBC op 21 juli gezegd niet langer voorstander te zijn van het bewapenen van rebellen die tegen de Syrische president Bashar al-Assad vechten. Hieruit “blijkt in welke mate [hij] is teruggekomen op zijn eerdere, stevige oproepen om in actie te komen, schrijft internationaal BBC-correspondent Emily Buchanan.

In een eerder stadium had hij juist een beroep gedaan op de Amerikaanse president Barack Obama om de Syrische burgeroorlog hoog op de agenda te zetten, en geëist dat de Europese Unie het wapenembargo voor de Syrische rebellen zou herzien. Maar het enthousiasme van de premier om te interveniëren afgenomen, aangezien bewijzen aan het licht zijn gekomen over de rol die extremisten bij de opstandelingen spelen. De journalist vervolgt:

Het is onwaarschijnlijk dat het [Britse] parlement nog voor het bewapenen van de rebellen zou stemmen, nu tientallen conservatieve parlementsleden zich ertegen verzetten. Hoewel de premier de gematigde krachten nog steeds wil helpen, is verre van duidelijk hoe dat moet worden gedaan. Hij heeft het conflict een impasse genoemd. Nu Rusland president Al-Assad nog steeds steunt, lijkt dat ook het sleutelwoord voor het westerse beleid ten aanzien van Syrië te zijn.

In Duitsland noemt de Frankfurter Allgemeine Zeitung dit “een adembenemende ommekeer”. Maandenlang, zo brengt het dagblad in herinnering, heeft de Britse premier “alle registers van de diplomatie bespeeld” om het Europese embargo op de wapenleveranties aan de Syrische rebellen opgeheven te krijgen. “Je zou dit kunnen interpreteren als een gebrek aan denkkracht van de kant van Cameron”, maar in werkelijkheid is er niets anders gebeurd dan dat opnieuw duidelijk is geworden wie in Europa de politieke consensus van de Europese Unie belemmert, aldus de FAZ:

De Britse regering heeft zonder aarzelen de Europese consensus over het beleid ten aanzien van Syrië doorbroken, toen dat haar beter uitkwam. Jarenlang werden er twee schuldigen aangewezen als erover werd gediscussieerd waarom het gemeenschappelijke buitenlandse en defensiebeleid van de Europese Unie niet functioneerde: Catherine Ashton en Duitsland [...] Maar ook de eisen van de andere twee grote Europese landen hebben bijgedragen aan de diplomatieke misère in Brussel. Engeland en Frankrijk eisen graag een krachtige collectieve stem van Europa, maar in hun ogen wil dat vooral zeggen dat de andere 26 lidstaten van de Europese Unie hun belangen moeten volgen.