De tweede ronde van de Italiaanse gemeenteraadsverkiezingen op 29 en 30 mei is voor Silvio Berlusconi en zijn aanhangers op een fikse teleurstelling uitgelopen. En de pers is zeer eensgezind over de omvang van het debacle.

"De klap is een wanordelijke aftocht geworden", vat Corriere della Serasamen: de nederlaag van centrumrechts bij de eerste verkiezingsronde werd bij de tweede ronde nog eens bevestigd. De regeringscoalitie onder leiding van Berlusconi verloor voor het eerst in 18 jaar in Milaan en Napels, waar ze zelfs geen overwinning konden afdwingen op links, dat vanwege het wanbeheer tijdens de vuilniscrisis toch al het vertrouwen kwijt was, en in de meeste andere kleine provincies en gemeenten. Centrumlinks won zelfs in Arcore, de woonplaats van Il Cavaliere. De omvang van zijn nederlaag is zodanig dat de Milanese krant denkt dat binnen de coalitie "het idee over een nieuwe regeringsleider opgang vindt. Het tijdperk van na Berlusconi is begonnen".

"Gemeentelijk Italië geeft een helder signaal aan Berlusconi: de tijd van de grote betovering is voorbij, het land wil de bladzijde omslaan", jubelt het oppositiebladLa Repubblica van zijn kant. Volgens de krant is de nederlaag daarnaast te danken aan de venijnige verkiezingscampagne die met de regeringsleider als hoofdpersoon werd gevoerd. "De voormalige 'man die de zon in zijn zak had zitten' was zich er echter niet van bewust dat hij Italië opzadelde met een zorgwekkend en bedenkelijk imago dat door de kiezers werd gezien als pretentieus, negatief en leugenachtig."

Deze analyse wordt gedeeld door La Stampa, volgens wie "Berlusconi zijn voeling met de meerderheid van de Italianen, met de onderbuik van het land, heeft verloren. In tijden van crisis, moeilijkheden, besparingen en werkeloosheid onder jongeren, kun je er niet vanuit gaan dat het thema over justitiehervormingen [dat door Berlusconi tijdens de verkiezingscampagne werd neergesabeld, red.] het hart raakt en de stembussen vol laat lopen."