Cover

"Geheime dienst bespioneerde Le Monde": de krant onthult dat uit onderzoek van justitie blijkt dat de Franse geheime dienst (DCRI) in juli 2010 illegaal de telefoontjes van een van zijn journalisten, Gérard Davet, aftapten om zo achter zijn bronnen in de zaak Woerth-Bettencourt te komen. De DCRI wilde hiermee een einde maken aan de lekken in dit dossier waarbij de toenmalige minster van Werkgelegenheid en voormalig penningmeester van de UMP, de partij van president Sarkozy, betrokken was.

Het onderzoek werd na een klacht van Le Monde geopend en "spreekt de beweringen van de regering en de politieleiding tegen", schrijft de krant. De autoriteiten ontkenden dat er sprake zou zijn van een technisch onderzoek van de telefoon van de journalist. Een dergelijk onderzoek zou inbreuk maken op de wet waarin de bescherming van journalistieke bronnen wordt geregeld.

Terwijl Libération Bernard Squaricini (hoofd DCRI), Claude Guéant (huidig minster van Binnenlandse Zaken en voormalig secretaris-generaal van het Elysée) en Frédéric Péchenard (directeur van de nationale politie) kwalificeert als "staatsleugenaars", trekt Le Monde twee conclusies:

Aan de ene kant is de regering er niet voor teruggedeinsd om de wet en de persvrijheid aan z'n laars te lappen. Aan de andere kant heeft de top van de regering publieke middelen ingezet voor privédoeleinden en om de partij van de president te beschermen, en werd er niet geaarzeld om de ware aard van het politieonderzoek te verdoezelen door het voor te stellen als een opdracht in het kader van burgerbescherming (...) Wat inmiddels gekwalificeerd kan worden als een staatszaak, maakt de verdenking dat er een 'schaduwkabinet' binnen de top van de uitvoerende macht zou bestaan, steeds aannemelijker. En dat betekent voor niemand veel goeds.