Ieder voor zich

Gepubliceerd op 30 november 2012 om 14:46

De diplomatieke gebeurtenis van de week is de erkenning door de Verenigde Naties op 29 november van Palestina als waarnemende staat. De stemming van de Algemene Vergadering van de VN is vooral symbolisch en zal an sich de samenlevingsproblemen tussen Israël en zijn officiële nieuwe buurman niet kunnen oplossen. Niet minder symbolisch is het feit dat de Europese Unie er niet in slaagde een gezamenlijke mening naar voren te brengen.

Na telling van de stemmen blijkt dat de 27 lidstaten van de EU verdeeld zijn in twee vrijwel gelijke kampen: 14 landen stemden vóór, 12 onthielden zich van stemming. Alleen de Tsjechische Republiek samen met acht andere landen (van de 188) tégen, waaronder Israël en de Verenigde Staten.

Zoals Lluís Bassets voorafgaand aan de VN-stemming al benadrukte, is de Europese dienst voor extern opreden (Edeo) een leeg omhulsel. De zevenentwintig lidstaten lijken dit instituut waarmee de invloed van de EU in de wereld moet worden vergroot, en het hoofd ervan, Catherine Ashton, te negeren. Bovendien lijken ze hun onvermogen om onderlinge overeenstemming te bereiken over een kwestie die zo belangrijk is als de erkenning van een Palestijnse staat, voor lief te nemen.

Het kan ook symbolisch worden genoemd dat deze Europese verdeeldheid precies een week na het mislukken van de top over de EU-begroting komt. Hier zorgde het verdedigen van de nationale belangen ervoor dat iedere poging om de gemeenschappelijke belangen voor de komende zeven jaar vast te leggen, in de kiem werd gesmoord.

Nieuwsbrief in het Nederlands

Deze opeenvolging van gebeurtenissen is niet toevallig, het hangt in de lucht. Vandaag verklaarde de Nederlandse premier Mark Rutte tijdens een interview met vier kranten, waaronder de Financial Times, dat zijn regering “een debat tussen de 27 landen wil om uit te vinden of Europa niet bij te veel beleidsterreinen betrokken is, die op nationaal niveau kunnen worden afgehandeld”. Deze vraag over subsidiariteit is niet nieuw, en moet regelmatig gesteld worden om het functioneren van de Unie te blijven verbeteren. Maar door die kwestie op deze manier en op dit moment weer aan de orde te stellen, wordt de verwarring die er ontstond naar aanleiding van het Britse debat om de macht weer terug naar Londen te halen, alleen maar groter.

De politieke boodschap die hiermee wordt uitgedragen is die van een Europa-met-een-keuzemenu, dat schadelijk zou kunnen zijn voor het totale project.

Een paar jaar geleden zou de Europese Grondwet de kroon op een cruciale fase van de Europese opbouw moeten zijn. Het Verdrag van Lissabon dat daarvoor in de plaats kwam, werd slachtoffer van de omstandigheden waarin ze tot stand kwam, die aan elkaar hingen van compromissen en verzaking. En de principes die dat verdrag moest uitdragen, werden opgeslokt door de economische crisis. In zijn boek De passage naar Europa beschrijft Luuk van Middelaar het onophoudelijk wisselende evenwicht tussen een ‘externe sfeer’, die van de traditionele samenwerking tussen de landen die uit de negentiende eeuw voortkwamen, een ‘interne sfeer’, die van de communautaire instituten en een ‘tussenliggende sfeer’ waarin de in de Raad verenigde landen stapje voor stapje naar beslissingen toewerkten die hun nationale belangen overstegen, zonder ze uit het oog te verliezen. De geschiedenis van de EU leek tot nu toe de overgang te zijn van de dominantie van de externe sfeer naar een nauwe samenwerking tussen de twee andere sferen. Dit historische proces lijkt nu te zijn gestopt.

Tegenwoordig dient alleen de Europese Commissie nog wetsvoorstellen in die integratie op lange termijn tot doel lijken te hebben, zoals deze week over de Economische en Monetaire Unie. Maar ze lijkt er alleen voor te staan en erger nog, niemand lijkt ernaar te luisteren.

De loop van de geschiedenis werd op de rem gezet toen de EU de Nobelprijs voor de Vrede kreeg toegekend. Dat is geen toeval, want het Nobelcomité wilde een waarschuwing afgeven voor blokkades tussen de lidstaten. Toen de prijs werd aangekondigd, schreven we dat de EU moet laten zien dat ze die waard is. Het eerste antwoord daarop hebben we inmiddels binnen, met het bericht dat zes Europese leiders geen zin hebben om naar de prijsuitreiking op 10 december tekomen.

Are you a news organisation, a business, an association or a foundation? Check out our bespoke editorial and translation services.

Ondersteun de onafhankelijke Europese journalistiek.

De Europese democratie heeft onafhankelijke media nodig. Voxeurop heeft u nodig. Sluit u bij ons aan!

Over hetzelfde onderwerp