Nieuws Groot-Brittannië

Ukip, gevreesd door de Conservatieven

De eurosceptische partij Ukip, ooit door de Britse premier David Cameron beschreven als een groep “dwazen, gekken en stiekeme racisten”, is nu stevig verankerd in het politieke landschap. De partij trekt de meest eurofobe leden van de Conservatieven aan en beïnvloedt daarmee het overheidsbeleid.

Gepubliceerd op 11 december 2012 om 13:21
UKIP-leider Nigel Farage richt zich tot zijn aanhangers voor het Britse parlement in Londen in mei 2011.

Het is goed mogelijk dat deze winter de politieke wereld zich niet richt op de Conservatieven, de Labourpartij of de Lib Dems, maar op een organisatie die tot voor kort routinematig naar de coulissen werd verbannen en beschouwd werd als een verzameling excentriekelingen en vreemde vogels.

De Britse Onafhankelijkheidspartij Ukip [UK Independence Party, red.] was in de opiniepeilingen regelmatig goed voor ten minste 6 of 7 procent van de stemmen, met soms een uitschieter naar 11. Maar in de aanloop naar de tussentijdse verkiezingen in Rotherham afgelopen november werd de partij ineens een echte grote speler. De vooruitzichten van de partij werden flink rooskleuriger na het opmerkelijke verhaal waarin de plaatselijke gemeenteraad besloot drie kinderen uit hun pleeggezin te halen toen bleek dat de pleegouders Ukip-leden waren. Aangezien de kinderen afkomstig waren van het Europese vasteland, vond de directrice van de Rotherhamse afdeling van de Kinderbescherming dat zij moest ingrijpen gezien de visie van Ukip op het multiculturalisme en de “culturele en etnische achtergrond” van de kinderen.

Opmars werkt op de zenuwen

Onlangs publiceerde het Tory-parlementslid en vicepartijvoorzitter Michael Fabricant een rapport met de titel 'Het Pact' waarin hij suggereert dat er een verkiezingsovereenkomst tussen de Conservatieven en Ukip zou bestaan. Dat zou gebaseerd zijn op een referendum over het Britste EU-lidmaatschap en zou Ukip-leider Nigel Farage een plekje bieden in een toekomstig Tory-kabinet. De leiding van de Tories veegde deze suggestie natuurlijk van tafel, maar de onderliggende gedachte is niet nieuw: de opmars van Ukip werkt de Tories op de zenuwen, en dat is niet voor niets.

Ukip heeft al twaalf leden in het Europees Parlement en er zitten drie, voormalige Tory, Ukip-leden in het Britse Hogerhuis. De partij heeft nu 158 leden in lokale gemeenteraden, en hoewel de meeste daarvan alleen actief zijn op gemeentelijk en districtsniveau wordt hun aantal door meer opstandige Tories regelmatig opgeblazen.

Nieuwsbrief in het Nederlands

De UKIP-leden zetten zich allemaal in voor een eigengereide “vrijheidsgezinde, niet-racistische partij die de terugtrekking van Groot-Brittannië uit de EU nastreeft”, en waarvan de ideeën zijn gebaseerd op de bewering dat zelfs de Conservatieven – en lees wat nu komt vooral langzaam – “nu sociaaldemocraten zijn”, en dat de grootste partijen “kiezers geen werkelijke keuze bieden”.

Opmerkelijke standpunten

Naast het verlaten van Europa lijken de andere opmerkelijke standpunten en beleidsvormen van Ukip vooral ontwikkeld te zijn om rechtstreeks in te gaan tegen de restanten van de hoofdstedelijke “moderniseringsagenda”, die Cameron en zijn aanhangers voor het moderne Tory-beleid hebben ingebracht. Het meest in het oog springend zijn wel de overtuigingen dat klimaatverandering “een punt van discussie is” en dat “windenergie nutteloos is”, en de opvatting dat er “gedegen en rigoureus gesneden moet worden in ontwikkelingshulp” (en die blijkbaar “vervangen moet worden door vrije handel”). Als UKIP de kans zou krijgen, zouden ze ook de “permanente immigratie” voor vijf jaar bevriezen.

De partij neigt voornamelijk naar kostenbesparende ingrepen, maar wil vasthouden aan de Britse kernwapens, en zou van “grotere defensie-uitgaven een duidelijke prioriteit maken”. De partij is tegen het homohuwelijk (hoewel er wel wordt ingestemd met samenlevingscontracten) en is voorstander van het opheffen van het rookverbod in “daarvoor aangewezen ruimtes in publieke instellingen, clubs en hotels”. Radicale partijleden zijn daarnaast overtuigd van het nut van een vlaktaks voor inkomstenbelasting, een idee dat al ingang heeft gevonden in Servië, Oekraïne, Slowakije, Georgië en Roemenië.

In 2006 noemde Cameron Ukip tot hun grote woede een partij van “dwazen, gekken en verborgen racisten”. Er zijn incidentele meldingen over Ukip-leden die banden hebben met extreemrechts. In het Europese Parlement maken hun leden deel uit van de fractie Europa van Vrijheid en Democratie, waarin ook de Italiaanse Noordelijke Liga, de Litouwse partij Orde en Rechtvaardigheid en een Griekse groep met de naam ‘Popular Orthodox Rally’ zitten.

Publiek steeds eurosceptischer

Maar waarom is de steun aan de partij zo plotseling toegenomen? Volgens John Curtice, de vermaarde politocoloog en professor Politieke wetenschappen aan de Strathclyde University, heeft het antwoord onvermijdelijk te maken met twee instituten die beiden een somber 2012 doormaakten: de Europese Unie en de Britse Conservatieve Partij. “Het eenvoudige antwoord is dat het publiek steeds eurosceptischer wordt”, vertelt hij. “Maar het is niet duidelijk of men nu meer eurosceptisch is dan in de late jaren zeventig en vroege jaren tachtig. Een andere reden is dat er een groep mensen is die normaliter Tory-aanhangers zijn, maar die niet overtuigd zijn van Camerons kwaliteiten. Ze zijn het vertrouwen in de competentie van de Tories kwijt. Als je zelf in die situatie zou zitten en je bent een centrumrechtsstemmer, wat zou je dan doen?”

In 1991 richtte historicus en wetenschapper Alan Sked de Anti-Federalistische Liga op, een groep/partij die zich verzette tegen het Verdrag van Maastricht, het verdrag waarmee de Europese Unie zoals we die nu kennen, formeel werd gesticht. Twee jaar later werd die Liga omgezet naar de Britse Onafhankelijkheidspartij.

In 1999 kreeg UKIP zijn eerste drie parlementsleden. Vijf jaar later bereikte de partij een keerpunt, toen er twaalf werden gekozen. Nigel Farage, een beurshandelaar en voormalige Tory werd Ukip-leider in september 2006, maar hij nam drie jaar later ontslag. In november 2010 ging hij de partij opnieuw leiden, en is nu stevig verankerd in het politieke landschap.

Partij wil als eerste eindigen bij Europese verkiezingen

Paul Nuttal (35), voormalig wetenschapper uit Liverpool en parlementslid voor de noordwestelijke regio, is nu vicepartijvoorzitter. Hij wijt hun opkomst aan het feit “dat alles wat wij over de Europese Unie beweren, waarheid is gebleken” en aan de eindeloze waarschuwingen die de partij heeft afgegeven over “ongecontroleerde massa-immigratie”.

Hij wijst me erop dat de partij bij de Europese verkiezingen van 2014 op de eerste plaats wil eindigen. Voor de algemene verkiezingen van volgend jaar willen de leden niet minder dan een “politieke aardbeving” veroorzaken, maar wat dat zou moeten betekenen, blijft onduidelijk. Maar waarom zetten ze hun trots niet opzij en gaan ze mee met het programma van Michael Fabricant? Een deal met de Tories zou ze uiteindelijk ten minste een zetel in het kabinet opleveren, en, daar gaan we vanuit, een handvol parlementsleden. “Het grootste struikelblok op dit moment is de premier Cameron zelf”, zegt Nuttall. “Hij valt niet te vertrouwen als het over de Europese Unie gaat.”

The Economist

Bye, bye Europa!

Liever dan zich met zijn jachtbommenwerper te storten op de kleuren van de Europese Unie, geeft 'Brittannia' - de incarnatie van Groot-Brittannië - er de voorkeur aan de schietstoel te gebruiken. Zo schetst The Economist de onder de Britten veelgehoorde mening dat het beter is de Europese Unie vaarwel te zeggen. In het tempo waarin de zaken zich nu ontwikkelen, lijkt “een referendum over het lidmaatschap van Groot-Brittannië van de Europese Unie slechts een kwestie van tijd”, schrijft het weekblad. The Economist meent echter

dat een vertrek van Groot-Brittannië een tweevoudige tragedie zou zijn. De Britten zouden er veel meer last van hebben dan zij zich momenteel kunnen voorstellen: buitengesloten uit de gemeenschappelijk markt zou Londen de autoproducenten die zich in Groot-Brittannië hebben gevestigd het land zien verlaten, evenals een groot deel van de financiële dienstverleners. Groot-Brittannië zou opnieuw moeten onderhandelen over tientallen bilaterale handelsovereenkomsten, vanuit een veel minder gunstige positie dan als lidstaat van de Unie. Het land zou een veel bescheidener plek innemen op het internationale toneel.

Maar het is nog mogelijk “deze zich langzaam voltrekkende ramp” te keren, aldus The Economist, door zich opnieuw de kunst van het onderhandelen eigen te maken en door zich te bedienen van de geheimen van de pedagogie. Uiteindelijk concludeert het blad dat “hoe vernederend en moeilijk het ook mag zijn, het de beste oplossing is dicht in de buurt van Europa te blijven en te proberen Europa in de richting van Groot-Brittannië te doen buigen”.

Are you a news organisation, a business, an association or a foundation? Check out our bespoke editorial and translation services.

Ondersteun de onafhankelijke Europese journalistiek.

De Europese democratie heeft onafhankelijke media nodig. Voxeurop heeft u nodig. Sluit u bij ons aan!

Over hetzelfde onderwerp