Zelfs als Slowakije definitief weigert om het noodfonds voor de euro goed te keuren, verwordt het land niet opnieuw tot het 'zwarte gat van Europa'. Dit gebeurt evenmin als Robert Fico, na de val van de regering Radičová, weer aan de macht zou komen, ongeacht wat deze volleerde opvolger van oud-premier Vladimír Mečiar van plan is – en dat kan bijna alles zijn.

We zijn nu immers lid van de NAVO en van de Europese Unie en dat was niet het geval onder het autoritaire bewind van Mečiar [de populistische leider met twee korte onderbrekingen regeerde van 1991 tot 1998], toen Slowakije afstand deed van Tsjechië. Zolang we lid blijven – hoewel dat geen eeuwige zekerheid is – zullen westerse democratieën de ontwikkeling van het binnenlandbeleid van Slowakije noch het buitenlandbeleid onderuit kunnen halen door het eenvoudigweg te negeren en met enige afstand te bezien wat er in ons land gaande is zonder er bijster veel interesse in te tonen.

Toch betekent dit nog niet dat we niet ook heel gemakkelijk zouden kunnen afglijden tot een soort geïsoleerd overgangsgebied. We wordenen dan een land waarvan de leiders wel deelnemen aan de bijeenkomsten van de EU en de NAVO, maar alleen om te zorgen voor de voltalligheid, zonder oprecht belang voor wie dan ook.

Een stap terug naar het Oosten

Samenwerking wordt dan beperkt tot het hoogst noodzakelijke. Slowaken krijgen geen uitnodigingen meer voor bilateraal overleg in democratische landen, zelfs niet voor overleg met hun buren. Er zullen geen belangrijke investeringen meer worden besproken met investeerders van democratische landen die, los van het feit dat ze kapitaal in onze economie pompen, geavanceerde technologie en een serieuzere manier van zaken doen meebrengen.

Als dit inderdaad de positie van Slowakije wordt, kan die alleen indirect worden toegeschreven aan het feit dat het parlement een verhoogde bijdrage aan het Europese noodfonds heeft afgewezen. Zover kan het echter wel komen wanneer er na de val van het kabinet-Radičová weer een kabinet-Fico aan de macht komt. Daarmee wordt dan immers het einde ingeluid van die korte periode van pro-westerse oriëntatie en democratische ontwikkeling die we de laatste jaren hebben ervaren.

Qua buitenlands beleid keren we dan weer terug naar het Oosten, waar het hart van Fico altijd al heeft gelegen, met als gevolg dat het beleid wordt voortgezet waarmee zijn vorige regering al was begonnen: het beteugelen van democratie, vrijheid van meningsuiting, rechtszekerheid, onderdrukte minderheden en vrije ondernemingen.