Het is nog maar een kwestie van aftellen: op de avond van 29 maart, de tweede dag van de regionale verkiezingen in Italië, zal de populistische en xenofobe partij Lega Nord de scepter over de regio Venetië zwaaien. Dat is een unicum voor deze formatie die 25 jaar geleden is ontstaan onder de spottende blikken van de gevestigde politici, maar die tegenwoordig in 350 gemeenten en veertien provincies ten noorden van de rivier de Po de touwtjes in handen heeft.

De opiniepeilingen geven de rechtse alliantie van Il Popolo della Libertà en Lega Nord onder leiding van de minister van Landbouw, Luca Zaia, tussen de tien en twaalf punten voorsprong op de centrumlinkse tegenstander. "Ik zit in de positie van een voetbalteam dat met 5-0 voor staat. Mijn grootste zorg is om geen fouten te maken", aldus de minister vanuit zijn auto waarin hij die dag van zijn geboortestad Conegliano in de provincie Treviso naar Padua rijdt waar hij zal deelnemen aan een debat.

Hoe ziet zijn verkiezingscampagne eruit? Zaia besteedt hier maximaal twee dagen per week aan en nooit op zondag, want, zo zegt hij: "De familie is heilig." En niet te vergeten zijn paarden waar hij graag zijn vrije tijd mee doorbrengt. Meetings en handen schudden zijn niet echt aan hem besteed, want in Noord-Italië kent iedereen Lega Nord wel. De partij heeft hier stelselmatig voet aan de grond gekregen door een eenvoudige en doeltreffende leuze te voeren (‘het noorden eerst’) en door alles te verwerpen waardoor de noordelijke identiteit in gevaar zou kunnen komen.

De boerenpummels uit het Zuiden

Velen kunnen zich vinden in de partij: duizenden kleine ondernemers zijn het zat om hoge belastinggelden te betalen die vervolgens “over de balk worden gesmeten” om de 'terroni' ('de boerenpummels uit het zuiden') te hulp te schieten, hun werknemers vrezen dat hun baantjes door immigranten worden ingepikt, de boeren en wijnbouwers zijn woedend over de wirwar van pietluttige regeltjes uit Brussel en de ambachtslieden maken zich zorgen om de concurrentie uit China en de opkomende landen. Bij elke verkiezing slaagt Lega Nord erin om eerst links te verpletteren om vervolgens de strijd aan te binden met – en soms zelfs te winnen van – haar bondgenoot, de rechtse volkspartij Il Popolo della Libertà. “Dit is het Zaia-land,” roept een aanhanger van de minister enthousiast uit.

De 43-jarige Zaia – met een glad achterover gekamd kapsel en een zeer nauwsluitend zwart maatkostuum – vertegenwoordigt de nieuwe generatie van Lega Nord. Alleen een groene pochet (de symbolische kleur van de partij) die discreet uit zijn borstzak steekt verraadt tot welke partij hij behoort. De xenofobe discussies die de identiteit van de partij vormen, de immigranten “die terug in zee gegooid” moeten worden, “de minaretten die de schitterende landschappen van Venetië ontsieren” of de beledigingen aan het adres van de kardinaal van Milaan die als “imam” wordt bestempeld omdat hij oproept immigranten te verwelkomen, laat hij aan anderen over. Je zult hem ook niet betrappen op het zingen van het volkslied, het stimuleren van het invoeren van 'burgerwachten' of het ondersteunen van operaties om illegalen te verklikken. Althans niet openlijk.

Meedogenloos

Hij heeft zijn positie van minister van Landbouw aangewend om zich op te werpen als voorvechter van 'de identiteit'. Doordat zijn discours politiek correcter is en hij in discussies niet meedogenloos de vloer aanveegt met de ander – een methode waarvan de andere drie ministers van Lega Nord in het parlement zich wel bedienen – heeft hij een doeltreffende campagne kunnen voeren om in Venetië gemaakte producten te promoten.

"De traditionele thema's van de Lega Nord als de strijd tegen immigratie en veiligheid zijn subthema’s van het overkoepelende thema van de regionale identiteit,” legt politicoloog Stefano Bruno Galli uit. ”Deze problematiek is algemener en kan de goedkeuring van extreemrechts tot extreemlinks wegdragen. Lega Nord heeft als eerste ingezien dat het einde van het ideologieëntijdperk en de crisis van de centrale staat tot een regionalisering van de politiek heeft geleid. Stapje voor stapje is de partij een territoriale beweging geworden waarin lokale belangen worden gebundeld.”

Ilvo Diamanti, professor in de politicologie aan de Universiteit van Urbino benadrukt dat “Lega Nord erin is geslaagd een debat aan te zwengelen waarin veiligheid op regionaal niveau en het behoud van tradities een veilige haven lijken tegenover de boze buitenwereld.”

De buitenwereld de rug niet toekeren

Op de website van Zaia wordt te pas en te onpas van deze thematiek gebruik gemaakt. “Venetië eerst” valt al meteen na de eerste klik te lezen. Wat gaat hij als eerste doen als hij gouverneur is? “Meteen een federalistisch stelsel invoeren. We kunnen bogen op duizend jaar geschiedenis en we zijn er nu klaar voor om de proeftuin van de autonomie te worden. Wij zijn opgewassen tegen nieuwe uitdagingen op het gebied van onderwijs, water en energie,” aldus Zaia waarbij hij benadrukt dat “de regio negentig miljard euro belasting aan de staat betaalt, maar hier vrijwel niets van terugziet.”

Keert de partij de buitenwereld boos de rug toe? “Absoluut niet,” verzekert de minister. “Wij trekken ons zeker niet in onszelf terug. We moeten ‘glocal’ zijn: ‘global’ en ‘local’.” En zijn de immigranten nu beter of slechter af met Luca Zaia als voorzitter van de regio? “Ik ben niet tegen immigranten, maar tegen getto’s. Trouwens, zelfs de kerk heeft ingezien dat wij beste kerels zijn.”