In het huidige debat over de situatie rond de Roma heeft Frankrijk hen duidelijk in een aantal opzichten onrecht aangedaan. Het begon met de geluiden die afgelopen zomer in de hoogste kringen van het land te horen waren. Die veronderstelden dat men in Frankrijk immigratie en criminaliteit over één kam wilde scheren. De indruk werd gewekt dat de hele gemeenschap, of het nu om Roma ging of om nomaden, werd opgezadeld met de verantwoordelijkheid voor misdaden die door slechts enkelen van hen waren gepleegd. Het maakt niet uit hoe we dat noemen, iedereen op één hoop gooien of zondebokken zoeken, het resultaat blijft hetzelfde: het is verwerpelijk en onacceptabel. Ongetwijfeld kunnen we ons verder nog afvragen in hoeverre de uitzettingen van honderden in Frankrijk gevestigde Roma, waartoe in een paar weken werd besloten, in strijd zijn met Europese wetgeving.

Deze kwestie heeft wel afbreuk gedaan aan het imago van Frankrijk in de wereld. En de manier waarop in deze kwestie is gehandeld, die feitelijk werd uitgebuit voor electorale doeleinden, drukt zwaar op de terugkeer van Nicolas Sarkozy op het Europese toneel. In een niet bindende resolutie met een solide onderbouwing laakte het Europese Parlement op donderdag 9 september de houding van Parijs in de kwestie van de Roma. Eric Besson, de Franse minister voor Immigratie, Integratie en Nationale identiteit, meende daarop te moeten reageren door het “dictaat” van de Europarlementariërs te hekelen. Deze onvoorstelbare minachting voor een van de belangrijkste instellingen van de Europese Unie doet de reputatie van Frankrijk natuurlijk ook geen goed. Het komt des te slechter van pas omdat de Franse president – die hierover een aantal goede, solide ideeën heeft – pogingen doet om het Oude Continent bijeen te houden, voordat Frankrijk in oktober het voorzitterschap van de G20 op zich neemt.

Niet in alle opzichten ongelijk

Maar verder dan dit gaan de beschuldigingen niet. Want Frankrijk heeft niet in alle opzichten ongelijk in de kwestie rond de Roma, integendeel. Frankrijk is namelijk niet het enige land dat Roma uitzet. Andere landen, zoals Duitsland, Zweden en Italië, doen precies hetzelfde en waarom? Omdat de EU wordt geconfronteerd met een probleem dat niet gewoon maar genegeerd kan worden en dat ook niet zomaar verdwijnt. Toen Roemenië en Bulgarije in 2007 toetraden tot de EU, kon de Unie de ogen er niet voor sluiten: ze erfde daarmee ook de bestaande situatie in deze twee landen met een paar miljoen Roma. Een afschuwelijke toestand, want in beide landen worden Roma behandeld als paria's, als tweederangs burgers en zijn ze slachtoffer van racisme en allerlei soorten geweldpleging.

Aangezien Roma tegenwoordig Europese burgers zijn, is een groot aantal van hen op zoek gegaan naar betere kansen in de rijkste landen van de EU. Overal ontstonden opnieuw sloppenwijken aan de randen van de grote steden in Italië en Frankrijk. In deze barakkenkampen van gelukszoekers dromden hele families samen, allemaal op zoek naar een onwaarschijnlijke integratie. Het weigeren om deze realiteit onder ogen te zien zou passen bij een keurige, maar radicale en ondraaglijke lichtzinnigheid. Het zou bovendien geen verbetering betekenen van het lot van de Roma. De Franse staatssecretaris voor Europese Zaken zei het al: de EU moet zo snel mogelijk komen met een “noodplan” voor de Roma. Daarbij zou de prioriteit moeten zijn om ze vooral eerst op hun plek van vestiging te helpen. Daarnaast moeten Boekarest en Sofia op hun verantwoordelijkheden worden aangesproken.