Nadat het eeuwenlang de kazerne van de wereld was geweest, de belangrijkste militaire hegemonie, en vervolgens een mondiaal slagveld, is het Europa van de ´soft power´ – maar vooral van de economische crisis – nu in de ban van ontwapening. De Europese landen snijden in hun defensiebegrotingen, sturen roemrijke regimenten naar huis, ontmantelen schepen en vliegdekschepen, sluiten diverse militaire bases en schuiven de aanschaf van veel tanks en vliegtuigen op de lange baan.

De eerste alarmsignalen kwamen, zoals altijd, van de overzijde van de Atlantische Oceaan. Aan de vooravond van deNAVO-top in Lissabon, waar in november het ´nieuwe strategische concept´ van de Alliantie moet worden gepresenteerd, maken de Verenigde Staten zich zorgen over het feit dat de Europeanen steeds meer beknibbelen op hun defensie-uitgaven.

Maar dit keer delen de Europese legerleiders de bezorgdheid van de Amerikanen over de toenemende ontwapening van het Oude Continent. "Terwijl er in de Verenigde Staten nog altijd ruime financiële middelen naar defensie vloeien, blijven de militaire uitgaven in Europa onder het afgesproken niveau van twee procent van het bbp", erkent de Italiaanse admiraal Giampaolo Di Paola. Als voorzitter van het Militair Comité, dat bestaat uit de defensiechefs van de NAVO, probeert hij de gevolgen van de ontwapeningswedloop binnen de perken te houden.

De ontwapeningswedloop

Wij hebben te maken met een paradox die op zijn minst verbazingwekkend is: Europa heeft nog nooit zo weinig uitgegeven aan zijn gewapende troepen, terwijl deze juist nu op grotere schaal worden ingezet dan ooit het geval is geweest sinds de Tweede Wereldoorlog. Er zijn momenteel tienduizenden militairen gestationeerd in Afghanistan, in Libanon, op de Balkan en bij verschillende missies in Afrika. Dit brengt zware kosten met zich mee voor Europa, zowel op het menselijke als op het economische vlak. Door de financiële crisis, en door de crisis met de overheidstekorten die daarna ontstond, zagen de Europese landen zich genoodzaakt een reeks drastische maatregelen te nemen om de militaire uitgaven terug te dringen. In 2002 hadden alle NAVO-landen zich ten doel gesteld om jaarlijks ´ten minste´ twee procent van hun bbp aan defensie te besteden. In 2009 hebben alleen Griekenland (3,1%), Albanië (2,0%), Frankrijk (2,1%), het Verenigd Koninkrijk (2,7%) en de Verenigde Staten (4,0%) zich aan deze belofte gehouden, terwijl Italië en Duitsland (1,4%) en Spanje (1,2%) op dit punt duidelijk tekortschoten.

Volgend jaar zouden de Verenigde Staten weleens het enige land kunnen zijn dat nog boven de twee procent uitkomt. De eerste bezuinigingsmaatregelen werden kort na de crisis op Wall Street genomen. De Britse premier, David Cameron, heeft onlangs aangekondigd dat de defensie-uitgaven de komende vier jaar met acht procent zullen worden verlaagd. De Britse regering is bereid afstand te doen van het enige vliegdekschip dat Groot-Brittannië momenteel bezit, de Ark Royal, in afwachting van de bouw van twee nieuwe, en is van plan haar order voor het nieuwe Amerikaanse jachtvliegtuig, de JSF, flink in te krimpen. Aan het nucleaire programma van de Trident onderzeeërs zal niet worden getornd, maar de Royal Navy wordt ingrijpend gereorganiseerd. Uiteindelijk zullen er bij de Britse defensie binnen nu en 2015 42.000 banen verloren gaan.

Frankrijk heeft zich, voor dit jaar, aan de begrotingsafspraken gehouden. Toch verwachten defensiespecialisten dat er voor 2011 flink zal worden bezuinigd. De Fransen en de Britten hebben al overeenkomsten opgesteld voor een gezamenlijk beheer van hun nucleaire arsenaal, waarbij alle kosten gedeeld zullen worden. Hetzelfde geldt voor de nieuwe militaire vrachtvliegtuigen Airbus A400. Ook Duitsland maakt zich klaar om te schrappen in de militaire uitgaven. Dit land is bezig de dienstplicht af te schaffen om over te stappen op een beroepsleger, hetgeen tot minder banen en hogere kosten bij defensie zal leiden. In Nederland heeft de nieuwe regering al laten weten dat de aanschaf van de Joint Strike Fighter (JSF) niet door zal gaan. Ook Italië haalt de broekriem aan als het gaat om militair materieel: het heeft besloten uit het SAC-programma (Strategic Airlift Capabilities) van de NAVO te stappen, dat de aanschaf en het gezamenlijk gebruik van militaire vrachtvliegtuigen C130 omvat. Bovendien heeft Italië 25 Eurofighter gevechtsvliegtuigen geschrapt uit zijn aanvankelijke bestelling.

Een gevaarlijk boemerangeffect

Er is in ieder geval één ding waarover alle deskundigen het eens zijn: ondanks dat er op de defensiebegrotingen wordt gekort, heeft tot nu toe geen enkel land gesneden in de salarissen van de militairen die aan missies in Afghanistan of elders in de wereld deelnemen. Toch zijn de bezuinigingen ook op dit terrein voelbaar. Dat de Europeanen vorig jaar pas na enig aarzelen gehoor gaven aan het Amerikaanse verzoek om 10.000 extra militairen naar Kaboel te sturen, kwam niet alleen door politieke besluiteloosheid, maar ook door redenen van louter financiële aard.

De gedeeltelijke ontwapening van Europa heeft vooralsnog geen gevolgen gehad voor de veiligheid, al zou het de Europeanen op dit moment moeilijk vallen om een omvangrijke militaire operatie op te zetten als er ergens een crisis uitbrak... Het plan om een vredeshandhavingsmacht naar Somalië te sturen is niet alleen verworpen uit politieke overwegingen, maar ook vanwege een gebrek aan middelen. En als er een vredesakkoord wordt gesloten in het Midden-Oosten, dan kan er alleen een Europese interventiemacht worden gestuurd als de defensiebegrotingen worden aangepast.

Admiraal Di Paola stelt dat er "in andere delen van de wereld omvangrijke programma's voor wapenontwikkeling worden opgesteld. Hierdoor dreigen wij onze technologische voorsprong in zeer korte tijd kwijt te raken. Wij moeten onze kwalitatieve superioriteit koste wat kost in stand houden, zelfs als er in kwantitatief opzicht bepaalde offers moeten worden gebracht." We zien dus dat de bezuinigingsmaatregelen eens te meer hun weerslag hebben op de economie en het concurrentievermogen van het ´systeem Europa´, en in mindere mate op de veiligheid. Daarnaast zouden ze weleens een gevaarlijk boemerangeffect kunnen hebben, juist nu Europa zich, over het geheel genomen, hard inspant om de economische groei weer aan te zwengelen.