“Belg leidt moordpartijen en verkrachtingen op ‘ongelovigen’” in Syrië, schrijft De Standaard. De krant verwijst naar een filmpje uit maart dat op 7 juni is ontdekt op internet et waarop de onthoofding van een sjiïtische man is te zien door een groep jihadstrijders waarvan enkelen Vlaams spreken. Volgens de krant “bestaat de kans dat de 22-jarige Houssien Elouassaki, een uit Vilvoorde afkomstige gehandicaptenverzorger, kan worden gelinkt aan de executie”:

Uit afgeluisterde gesprekken en verhoren van teruggekeerde Syriëstrijders die De Morgen kon inkijken, blijkt dat een groep van 35 tot 40 Belgen in de omgeving van Aleppo is gehuisvest, in de stad Daret Ezza. Ze staan er onder leiding van Hoessin, die vorig jaar in september naar Syrië vertrok. In een telefoongesprek naar België met zijn broer Abdelouafi[...], vertelt hij hoe hij iemand heeft onthoofd en hoe ze dertig vrouwen hebben verkracht en gedood.

De Standaard schrijft dat de meeste Belgen die zich onder de 600 à 700 Europese strijders in Syrië bevinden, “van ver of van dichtbij te maken hebben gehad met Sharia4Belgium[...] De Vlamingen die deelnamen aan de standrechtelijke executie riskeren een levenslange celstraf in ons land”.

In een hoofdartikel in De Morgen met de titel “Onze jongens in Syrië”, verontwaardigt Yves Desmet zich over de “banalisering van het kwade” waar de Belgische strijders blijk van geven in afgeluisterde gesprekken :

Hoe heeft het met deze kerels zo ver kunnen komen dat ze [...] tot zo’n transformatie zijn gekomen? Van verschoppelingen in een land dat hen niet moest, zijn het plots helden in een heilige oorlog geworden. Geen wonder, en tegelijk een wat magere troost, dat de meesten onder hen dan ook nooit meer willen terugkomen [naar België].