De kerncentrale van Doel, vlakbij Antwerpen, een van de centrales die de Belgische regering langer open wil houden dan gepland. Foto: Kris Taeleman/Flickr

Nucleaire hoofdbrekens

België en de toekomstige Duitse regering hebben besloten om hun oude kerncentrales langer open te laten, ondanks de twijfels die rijzen over hun veiligeid. Maar het bouwen van nieuwe kerncentrales zoals in het Finse Olkiluoto, blijkt evenmin een verstandige keuze, schrijft het weekblad Der Spiegel.

Gepubliceerd op 21 oktober 2009 om 14:36
De kerncentrale van Doel, vlakbij Antwerpen, een van de centrales die de Belgische regering langer open wil houden dan gepland. Foto: Kris Taeleman/Flickr

De directie van het Finse elektriciteitsbedrijf TVO had nog een laatste wens voordat ze de grootste kerncentrale ter wereld bestelde bij Siemens en Areva, marktleider in kernenergie: de atoomcentrale moest bij voorkeur in de kleuren bloedrood en wit worden geschilderd. Qua kleur precies passend bij de beeldige zomerhuisjes langs de kust van West-Finland.

Dat hebben beide bedrijven in elk geval wel voor elkaar gekregen: momenteel zijn bouwvakkers bezig met het aanbrengen van een kleurige bekleding op de turbinehal. Voor de rest verlopen de zaken bij de grootste kerncentrale van Europa in aanbouw echter bepaald niet volgens plan.

Opdrachtgevers en fabrikanten zijn in een bittere strijd verwikkeld, waarmee miljarden zijn gemoeid en die via een hof van arbitrage wordt uitgevochten. De kosten rijzen de pan uit (van 3 miljard naar 5,8 miljard) en de oplevering loopt jaren vertraging op (2012 in plaats van voorjaar 2009). Maar critici verwijten het consortium vooral dat het gevaarlijk prutswerk levert. Het beton zou poreus zijn, het metaal zou scheuren vertonen en sommige constructies zouden zo riskant zijn dat de deskundigen van de Finse toezichthouder op kernenergie ervan huiveren.

Bij bouw van EPR werden al 3.000 fouten gemaakt

Nieuwsbrief in het Nederlands

Voor de buitenwereld doen TVO en Areva nog steeds hun best om alles in een zo gunstig mogelijk daglicht te stellen. Jouni Silvennoinen, projectmanager bij TVO, noemt het ene superlatief na het andere op: in Olkiluoto wordt de eerste kernreactor van de derde generatie gebouwd, de Europese drukwaterreactor EPR. Deze kerncentrale heeft het meeste vermogen ter wereld en zou een miljoenenstad volledig kunnen voorzien van stroom.

De EPR is de modernste kerncentrale ter wereld, een tussenvorm tussen een Duits en een Frans reactorontwerp. Maar zo’n tussenvorm leidt wel tot complicaties: tot nog toe werden er bij de bouw al 3.000 fouten gemaakt. Van de honderden onderaannemers hebben de meesten geen enkele ervaring met reactortechniek. In een geval besloten de werknemers van een bedrijf resoluut om een buis voor een sensor ergens anders te plaatsen dan was voorzien. Ze vonden die plek te lastig bereikbaar. Maar het apparaat moest nu juist metingen gaan verrichten op de plek die de ontwerpers hadden aangegeven. "Dit is geen prestigieus modelproject, maar een modelramp”, beweert Mycle Schneider, Duits atoomdeskundige uit Parijs en onderscheiden met de alternatieve Nobelprijs.

Bouw van een centrale duurt soms meer dan twintig jaar

Niet alleen het Franse staatsbedrijf Areva heeft moeite met het bouwen van nieuwe kerncentrales. Afgelopen jaar werd er voor het eerst sinds het begin van het nucleaire tijdperk in de hele wereld geen enkele nieuwe reactor aangesloten op het elektriciteitsnet. Uit de voortgangsrapportage van het Internationale Atoomagentschap blijkt dat er weliswaar 52 centrales ‘in aanbouw’ zijn, maar bij 13 daarvan duurt die bouw al meer dan 20 jaar. En bij 24 centrales is het op papier nog niet eens duidelijk wanneer ze kunnen worden opgestart.

Bovendien zouden 36 nieuwe reactoren in China, India, Rusland en Zuid-Korea worden gebouwd, in plaats van in het Westen, waar men zich bewust is van de veiligheidsrisico's. "Het wordt mij zwart voor de ogen als ik bedenk dat er in China 16 kerncentrales tegelijk worden gebouwd en we horen alleen maar dat er daar geen problemen zijn”, zegt Schneider, tegenstander van kernenergie.

Kernenergie kan pas goedkoop worden als oude reactoren lang en zonder complicaties op het net zijn aangesloten en de overheid zich ontfermt over de tot nog toe onopgeloste kwestie van de definitieve opslag van kernafval. Maar valt de levensduur van een reactor wel zo gemakkelijk te verlengen? Tot nu toe gold een periode van 40 jaar in de branche als technische levensduur van een kerncentrale.

Nijpend tekort aan nucleaire ingenieurs

"We hebben totaal geen ervaring met atoomcentrales die langer dan 40 jaar in gebruik zijn", zegt atoomdeskundige Schneider. Jürgen Großmann, topman van het Duitse RWE, is daarentegen van mening dat Duitse kerncentrales het ook wel 60 jaar kunnen volhouden. In de VS, Zweden en Frankrijk bestaan vergelijkbare ideeën over de levensduur.

Maar kunnen we de nucleaire industrie eigenlijk wel opdrachten voor modernisering toevertrouwen als ze bij de nieuwbouw al zulke fouten maken als nu in Finland? Het is meer dan tien jaar geleden dat de laatste kerncentrale in de Westerse wereld werd gebouwd. De toezichthouder voor kernenergie beschouwt gebrek aan kennis als een van de oorzaken voor de serie tegenslagen.

En dat probleem wordt alleen maar nijpender. Binnenkort gaat 40% van het personeel van kerncentrales in de Verenigde Staten met pensioen. De sector moet de komende tien jaar 26.000 nieuwe werknemers in dienst nemen – ook al wordt er geen enkele nieuwe centrale gebouwd. Maar in de VS studeerden in 2008 slechts 841 nucleaire ingenieurs af. In Duitsland is de situatie nog erger. Toch gelooft Areva-manager Mouroux heilig in een nucleaire renaissance. "We gaan deze reactor overal ter wereld bouwen”, zegt Mouroux. Wat maakt het dan nog uit dat het de centrale duurder uitvalt en dat de bouw wat langer duurt: “De EPR gaat immers 60 jaar mee.

Debat

Bekende Britse ecoloog pleit voor kernenergie - ondanks alles

In Groot-Brittannië is er consternatie ontstaan over wat een vooraanstaande milieu-activist en schrijver, George Monbiot op zijn blog op de site van The Guardian heeft geschreven. “Er bestaat weinig twijfel over dat kernenergie veilig en schoon geproduceerd kan worden”, zo begint hij zijn artikel. “Ook bestaat er weinig twijfel over dat dit zelden het geval is geweest. Het verschil tussen hoe de dingen in werkelijkheid zijn en hoe ze zouden moeten zijn, driegt de milieubeweging volledig in tweeën te delen”. Monbiot wijst erop dat door de dreiging van kernwapens en ongelukken zoals in Tchernobyl en Three Mile Island, 'kernergie' een vies woord is voor milieuactivisten. Maar het meer dreigende vooruitzicht van een klimaatramp ”zou zwaarder moeten wegen dan deze tegenwerpingen. Vervuiling door kernafval doet zich alleen voor omdat de noodzakelijke kostbare opslagmethoden tot nu toe niet zijn gebruikt". Opslag van kernafval “in een geologisch stabiele rotsformatie” is heel goed mogelijk, alhoewel de verleiding om zich er snel en makkelijk van af te maken vaak heel groot blijkt te zijn”. Desalniettemin, “zou ik kernenergie prefereren boven koolcentrales, en het dumpen van kernafval boven een klimaatramp”, luidt zijn conclusie.

Are you a news organisation, a business, an association or a foundation? Check out our bespoke editorial and translation services.

Ondersteun de onafhankelijke Europese journalistiek.

De Europese democratie heeft onafhankelijke media nodig. Voxeurop heeft u nodig. Sluit u bij ons aan!

Over hetzelfde onderwerp