Verrassing, de crisis is nog niet over!

Na een periode van relatieve rust en optimisme lijken de markten opnieuw de zwakste landen uit de eurozone te willen straffen, en lopen de sociale spanningen weer op. Degenen die geloofden dat bescheiden beleidswijzigingen een structurele crisis konden oplossen, hebben zich zwaar vergist, legt een econoom uit.

Gepubliceerd op 27 september 2012 om 15:20

De herfst die op 23 september begon, kondigde niet alleen het einde van de zomer aan voor de meeste mensen, maar ook voor de financiële markten. Van Tokio tot New York, en dwars door Europa zijn de beurskoersen bijna overal gekelderd.

Wat is er aan de hand? De internationale markten betalen de tol voor de teloorgang van drie illusies die ze de hele zomer lang koesterden. De eerste was de nogal naïeve, maar toch wijdverbreide illusie die we ‘de illusie van het toverstokje’ zouden kunnen noemen. Die gaat over de misvatting dat regeringen en centrale banken in staat zouden zijn om binnen een aantal weken of maanden, een negatieve, al jarenlang durende tendens te doen keren. Daarvoor zou slechts een kleine reglementaire aanpassing van een paar zinnen nodig zijn, of het aanpassen van een paar toch al niet zo praktische wetten, om alles weer als vanouds te laten verlopen. Het (financiële) paradijs zou weer prachtige vruchten afwerpen.

In werkelijkheid is de crisis waarmee we al vijf jaar lang geconfronteerd worden, een veel ernstiger fenomeen. De crisisbacillen hebben zich overal verspreid, niet alleen op de beursvloeren maar ook binnen de economie en de maatschappij. Er zijn jaren voor nodig om uit te zieken, als dat al mogelijk is. De weg naar sanering ligt bezaaid met obstakels. En de hoofdrolspelers uit de financiële markten die dat niet willen geloven, dreigen zelf voor de kosten op te draaien.

Veel geduld en een paar offers

De tweede marktillusie houdt verband met de eerste, en gaat ervan uit dat de remedie waarmee de reële economie weer op gang kan worden gebracht, met of zonder toverstokje al gevonden is. Dat zou onmiddellijke en positieve gevolgen hebben voor de beurs. In werkelijkheid is er sprake van twee voorgestelde remedies, en tot nog toe boden ze geen van beide soelaas. De eerste is een massale liquiditeitsinjectie. De Amerikanen pasten die remedie al toe om de Amerikaanse economie zo goed en kwaad als het kan drijvend te houden, maar het zorgt er niet voor dat die economie weer wordt vlot getrokken. De tweede is de Europese mix van bezuinigingen (vandaag) en maatregelen om de productie weer op gang te brengen met gesaneerde publieke middelen (morgen). Voor die oplossing zijn per definitie veel tijd, veel geduld en een paar offers nodig. Natuurlijk op voorwaarde dat er vervolgens resultaat geboekt wordt.

Zijn de Europeanen werkelijk bereid deze offers te accepteren en het benodigde geduld aan de dag te leggen? In feite leidt deze vraag tot op zijn minst aarzelende antwoorden, wat ons op de derde illusie brengt: de illusie dat regeringen in staat zouden zijn om maatregelen te nemen waarbij ze uitsluitend rekening houden met de economische levensvatbaarheid ervan, en waarbij ze de politieke levensvatbaarheid, of liever de reactie van de bevolking, buiten beschouwing laten.

Het beste voorbeeld daarvan wordt ons natuurlijk gegeven door Griekenland, waar er op de noodzaak van iedere doorgevoerde bezuiniging wordt gehamerd zonder dat het ‘gat’ in de regeringsbegroting ooit gedicht kan worden. Daarmee lijkt iedere keer dat de broekriem wordt aangehaald, de onvrede toe te nemen, getuige de hevige onlusten van 26 september. Bovendien raken steeds meer mensen gecharmeerd van het idee om de hele boel maar te laten schieten en de euro te verlaten. Dat zou de euro zeker geen goed doen, en de Grieken nog minder. Gezien de staat van hun betalingsbalans zouden zij zelfs niet meer in staat zijn het graan en de olie te betalen waarmee ze de winter moeten doorkomen.

Het probleem van de politieke levensvatbaarheid

Hoewel het er in Spanje minder somber uitziet, hebben de Spanjaarden evenmin veel bewegingsruimte. Italië lijkt wat meer armslag te hebben, als je de normaliter strenge mensen, zoals de president van de Bundesbank, mag geloven als die praten over het vermogen van dat land om zonder buitenlandse hulp uit de problemen te komen. Italië is een van de zeldzame landen waar de gezinnen over flink wat spaargeld beschikken en waar de afgenomen consumptie niet alleen het gevolg is van de inkomensdaling van bepaalde bevolkingsgroepen die zwaar door de crisis werden geraakt, maar ook doordat de toekomst er in het algemeen met angst en beven tegemoet wordt gezien.

Het probleem van de politieke levensvatbaarheid doet zich niet alleen voor in de vermeende zwakke landen. Frankrijk leverde daarvan het bewijs toen het bericht dat de grens van drie miljoen werklozen werd overschreden, vrijwel tegelijkertijd naar buiten kwam met het nieuws dat de populariteit van François Hollande was ingestort. Bewijs te meer wordt ook geleverd door de, nu wel zeer duidelijke tekenen, dat de Duitse economie vertraagt en er zich een verre van gezellige sfeer binnen de regeringscoalitie in Berlijn ontwikkelt. Er is in feite geen enkel Europees land, hoe solide het ook lijkt, dat zich geen zorgen maakt om de toekomst van zijn economie.

Daarom gaan de beurzen dus onderuit of zijn ze, als het goed gaat, buitengewoon voorzichtig. Want hoewel de spelers op de financiële markten vaak denken dat ze op een andere planeet leven, zijn de beurzen uiteindelijk ook een afspiegeling van de maatschappij met al zijn zorgen en onzekerheden. De wereld beperkt zich niet tot de beurskoersen maar gaat ook over de boodschappenlijstjes, steeds vaker een bron van zorg, van huishoudens. En het is een illusie om te geloven dat de beurzen zich op middellange of lange termijn kunnen herstellen als het slecht gaat met de huishoudens.

Analyse

Onrechtvaardigheid zwengelt woede aan

Volgens de Süddeutsche Zeitung ligt de onrechtvaardigheid die de burgers ervaren, ten grondslag aan de woede die momenteel in Griekenland, Portugal en Spanje tot uitdrukking komt:

De regeringen zijn in staat van paraathied: de trend naar politiek extremisme neemt met iedere demonstrant toe. Dit zou het moment kunnen zijn waarop demagogen de macht kunnen grijpen.

Dat de woede in Griekenland wordt geuit door extremistische partijen, in Spanje door separatisten en in Italië door een mogelijke terugkeer van Silvio Berlusconi, is te wijten aan twee factoren:

Het incasseringsvermogen van een maatschappij kan niet alleen worden vastgesteld aan de hand van de broodprijs of de hoogte van de werkloosheidsuitkeringen. Het is daarnaast afhankelijk van de overtuigingskracht van een regering en het optimisme dat die regering weet over te brengen. In Spanje en Griekenland ontbreekt het verschrikkelijk aan zulk leiderschap. Daarentegen groeit het gevoel dat de bevolking onrechtvaardig wordt behandeld omdat de rijken gespaard worden en de banken onaantastbaar lijken.

Are you a news organisation, a business, an association or a foundation? Check out our bespoke editorial and translation services.

Ondersteun de onafhankelijke Europese journalistiek.

De Europese democratie heeft onafhankelijke media nodig. Voxeurop heeft u nodig. Sluit u bij ons aan!

Over hetzelfde onderwerp