De methode doet denken aan het minderhedenbeleid van Ceauşescu : voortaan moeten alle Hongaarse dokters Slowaaks praten met hun Hongaarse patiënten, zelfs als geen van beiden dit wil. Ook sprekers van culturele evenementen zullen hun betoog in het Slowaaks moeten vertalen, ook al zijn alle toehoorders Hongaars. De wet komt openlijk voort uit negatieve gevoelens ten opzichte van Hongaren en heeft een unaniem tegengeluid van de Hongaarse minderheidspartijen opgeroepen. Net als de religieuze politie van Khomeini of de Taliban, vervullen de autoriteiten in Bratislava voortaan de rol van “taalpolitie”.

Ironie van de geschiedenis: de “etnische fundamentalisten” van het nationale bewustzijn van de Slowaakse leiders passen hiermee de meest verwerpelijke voorbeelden toe van het Hongaarse nationalisme van weleer. “Ik zal nooit een andere natie erkennen dan de Hongaarse natie onder de autoriteit van de heilige Hongaarse kroon”, zo verkondigde Lajos Kossuth [1802-1894]. Door zijn korte termijnbeleid hadden de Hongaren de onafhankelijkheidsoorlog verloren. In 1848 hadden de Habsburgers andere minderheden tegen de Hongaren weten op te stoken door hun chauvinisme naar hun hand te zetten. In plaats van een federale autoriteit te bewerkstelligen, hebben de Hongaren getracht om centralistische structuren te handhaven. Dit beleid heeft geleid tot het verlies van twee derde van het Hongaarse territorium in 1920 [met het Verdrag van Trianon].

Een wet die het Hongaarse extremisme in de kaart speelt

Onze Slowaakse buren hebben hun staatsnationalisme op precies dezelfde kortzichtige manier ontwikkeld, gebaseerd op etnische criteria en door middel van gedwongen assimilatie. In het tijdperk van moderne democratieën is zulk nationalistisch beleid, gebaseerd op wraakgevoelens over wat anderhalve eeuw geleden is gebeurd, onhoudbaar. Maar toch is dit beleid werkelijkheid.

Wat betreft de EU, zij volstaat ermee op afwijzende toon een beetje te mopperen en een halfzachte scheidsrechter te spelen. En de extremisten in Europa kijken toe bij wat er zich in Bratislava afspeelt: “Als het in Bratislava kan, dan kan het ook elders”, denken zij ongetwijfeld. Met immigranten of religieuze minderheden. Met iedereen tegen wie ze een antipathie hebben.

De taalcensuur in Slowakije speelt de extreemrechtse partij Jobbik in Hongarije in de kaart. Deze taalwet is een uiting van etnische volksverlakkerij en stelt extremisten in staat om hun discriminatie in een juridisch jasje te steken. We vragen os af wat de reden is voor dit Slowaakse beleid. Vanuit economisch oogpunt is Slowakije de beste van de klas. Waarom dan deze taalwet? Precies daarom. De Slowaken hebben reeds enorme offers gebracht wegens de kortingen op sociale uitkeringen en hervormingen. De nationalistische volksverlakkerij heeft in Slowakije de kop opgestoken om de druk van de ketel te halen. “Nu er minder te brood te halen valt uit de verzorgingsstaat, moeten we maar wat meer nationalistisch circus schenken” zo luidt het politieke recept van Slowakije [verwijzing naar het oude Roma waar de bevolking brood en circus kreeg]. Als de Europese Unie niet met de vuist op tafel slaat kan Slowakije verworden tot een jonge criminele staat, hetgeen tot een bloedige patstelling zou kunnen leiden, zowel voor de Hongaren als voor de Slowaken. En pogroms gaan samen met economische ondergang.