Jeruzalem, de doorslaggevende twistappel

Het Zweedse voorzitterschap van de Europese Unie heeft een plan op tafel gelegd waarin de 27 lidstaten worden opgeroepen Oost-Jeruzalem als de toekomstige Palestijnse hoofdstad te erkennen. Israël verzet zich heftig tegen dit idee, maar hiermee kan wel een einde komen aan een gevaarlijke situatie, wordt in het Zweedse dagblad Expressen gesteld.

Gepubliceerd op 8 december 2009 om 15:30
Oost-Jeruzalem, november 2009: eerste steenlegging van de nederzetting Nof Tzion (AFP)

Dit najaar is er al meermalen tweespalt gezaaid tussen Zweden en Israël. Het begon met een opzienbarend artikel van de Zweedse journalist en schrijver Donald Boström in Aftonbladet, naar aanleiding van een vermeende handel in organen van Palestijnen die door Israël zou zijn opgezet. De beschuldiging sneed weliswaar geen hout en was uiterst ongepast, maar het feit dat Israël heeft getracht deze te gebruiken voor zijn buitenlands beleid is net zozeer een teken van een totaal gebrek aan gezond verstand van de Joodse staat, die blijkbaar geen maat weet te houden.

Vervolgens heeft Carl Bildt, de Zweedse minister van Buitenlandse Zaken, olie op het vuur gegooid door zich achter het rapport-Goldstone te scharen over de oorlogsmisdaden die vorige winter tijdens de gevechten in Gaza zijn begaan. De Israëlische staatssecretaris voor Buitenlandse Zaken, Danny Ayalon, heeft dit zeer hoog opgenomen en heeft gedreigd de Israëlische ambassadeur in Zweden terug te roepen.

Geen enkel Europees land zwicht voor de lobbycampagne van Israël

De afgelopen weken is er een derde crisis ontstaan in de Zweeds-Israëlische betrekkingen: Israël beschuldigt Carl Bildt ervan de Europese Unie een nieuw beleid ten aanzien van Jeruzalem te willen opleggen. Feitelijk gezien is deze beschuldiging niet ongegrond. Europa heeft namelijk tijdens het Zweedse voorzitterschap van de Europese Unie voor het eerst hardop verklaard dat Jeruzalem de hoofdstad van beide staten zou moeten worden. En aangezien geen enkel Europees land zwicht voor de intensieve lobbycampagne die Israël voert, zal dit verzoek tijdens de vergadering van de ministers van Buitenlandse Zaken in Brussel op 8 december opnieuw worden besproken.

Nieuwsbrief in het Nederlands

Van alle geschilpunten tussen Carl Bildt en zijn Israëlische tegenstanders legt dit het grootste gewicht in de schaal. De tweestatenoplossing hangt af van Jeruzalem. De situatie is Oost-Jeruzalem wordt steeds kritieker. Israël denkt dat het nieuwe beleid van de Europese Unie een voorbode is van ophanden zijnde onderhandelingen. Maar in werkelijkheid zijn het de Israëliërs die op de zaken vooruitlopen. Sinds de bezetting van Oost-Jeruzalem in 1967 en de annexatie die daarop in 1980 volgde, heeft het land er alles aan gedaan om het imago van Jeruzalem als 'eeuwige en ondeelbare hoofdstad van Israël' te doen beklijven.

Steeds meer Israëliërs, al dan niet deel uitmakend van het establishment, zien in dat dit standpunt geen zoden aan de dijk zet en dat hun staat er niet aan ontkomt de stad te splitsen. Maar zolang er geen vredesakkoord in zicht is, duurt de insluiting van Oost-Jeruzalem voort.

Europa moet een ferme toon aanslaan

Daarom moet de rest van de wereld zijn afkeuring uitspreken. Zolang rechts aan de macht is in Israël en de Palestijnen verdeeld blijven, zijn er geen nieuwe onderhandelingen nodig, want die blijven slechts gezichtsbedrog. Nee, de rest van de wereld moet zich luid en duidelijk uitspreken over de kwestie-Jeruzalem. Israël mag de bouw van nieuwe nederzettingen dan wel hebben opgeschort, maar dat is een wassen neus zolang er in het belangrijkste gebied wordt doorgebouwd.

De Europese Unie moet haar jaarlijkse rapporten, die door de Europese consulaten in Israël worden opgesteld en waarin verslag wordt gedaan van de alarmerende situatie in Oost-Jeruzalem, openbaar maken en de stilte verbreken. Als Carl Bildt erin slaagt de Europese landen ervan te overtuigen dat zij een ferme toon moeten aanslaan voor een opdeling van Jeruzalem, heeft hij als minister van Buitenlandse Zaken zijn belangrijkste bijdrage geleverd.

Standpunt

Voor een ontmanteling van zionistische mythes

Het perverse gehamer op het vaststellen van een universeel Jodendom met één klein stukje grondgebied is contraproductief”. Dit betoogt Tony Judt, directeur van het Rameque instituut in New York in de Financial Times. Hij verwijst naar het omstreden boek van Schlomo Sand, “The Invention of the Jewish People”, dat de zionistische mythes van een etnisch en religieus homogeen volk onderuit haalt, en pleit voor een nieuw concept van Israël, een land dat geen “exclusieve claim legt op de Joodse identiteit”, en daarmee “alle niet-Joodse Israëlische burgers en inwoners tot tweederangs burgers reduceert”.

Door een twee-statenoplossing voor de Palestijnse kwestie van de hand te wijzen, die “Israël met zijn etnische waanbeelden in stand zou houden”, spoort Judt de Joodse diaspora in Noord-Amerika en Europa aan om afstand te nemen van Israël, dat genoodzaakt zou zijn om “zijn grenzen te aanvaarden” en “andere vrienden te maken, bij voorkeur onder zijn buurlanden”. Zo’n beleid, vergelijkbaar met het bevriezen van de donaties van de Iers-Amerikaanse gemeenschap aan de IRA in de jaren ’90, zou een remmende invloed hebben op “etnisch exclusiviteitsdenken en nationale vooroordelen” – een stap in de richting naar een oplossing voor het etnisch bepaalde “Israëlisch-Palestijnse imbroglio”.

Are you a news organisation, a business, an association or a foundation? Check out our bespoke editorial and translation services.

Ondersteun de onafhankelijke Europese journalistiek.

De Europese democratie heeft onafhankelijke media nodig. Voxeurop heeft u nodig. Sluit u bij ons aan!

Over hetzelfde onderwerp