Besmettelijke angst

Het behaalde resultaat van de Zweedse Democraten bij de parlementsverkiezingen van 19 september staat niet op zichzelf: in elke maatschappij in Noord-Europa, dat vroeger werd bewonderd vanwege zijn openheid en samenhang, brengt het wantrouwen jegens immigranten partijen voort die openlijk xenofoob zijn.

Gepubliceerd op 21 september 2010 om 14:15

Het resultaat van de Zweedse verkiezingen maakt het land tot getuige van diepe veranderingen die, sinds enkele jaren, het politieke panorama van Noord-Europa in de war brengen. Tot voor kort was dat noordelijke deel bestand tegen de stormen, hysterie en inheemse angsten die woedden in de zuidelijke en oostelijke regio’s van Europa. De uitslag van de verkiezingen gaat verder dan een eenvoudige afrekening of het overlopen van stemmers van links naar rechts.

Het eerste indrukwekkende feit hier is inderdaad de bevestiging van wat The Economist heeft aangeduid met de ”de vreemde dood van de Zweedse sociaaldemocratie”. Gedurende jaren hebben de socialisten in Europa – en daarbuiten – het democratisch socialisme in het Scandinavische gidsland aandachtig bekeken en bewonderd. Zweden speelde het klaar om met een socialisme dat tegelijkertijd streng en gul was, een veeleisende fiscus, enorme publieke uitgaven, een gezonde economie en een hoge levensstandaard te garanderen. De naaste en wat verder liggende buurlanden als Finland, Denemarken, Noorwegen en ook Nederland hebben deze methode op succesvolle wijze overgenomen. Daarbij hoorde ook een opmerkelijke en soms gedurfde tolerantie wat betreft burgerlijke rechten die zowel aan staatsburgers als aan immigranten worden verleend.

Donkere wolken

Na de geheimzinnige moord op minister-president Olof Palme in 1986, die nooit helemaal is opgelost, begonnen de eerste donkere wolken zich boven het sociaaldemocratische paradijs van Stockholm samen te pakken. Er ontstonden bressen in de politieke stabiliteit, conservatieven traden toe tot het parlement en in 1994 tekende Zweden voor toetreding tot de Europese Unie. Met de snelle uitbreiding van de EU in de richting van het voormalig communistische Oost-Europa, werden de Zweden, die genoeg hadden van het socialistische model dat te streng was voor hun landgenoten en te toegeeflijk voor buitenlanders, net als andere Europeanen geconfronteerd met twee verraderlijke problemen die het continent nu al een paar jaar in hun greep houden : de economische crisis die wordt verdubbeld door de crisis van een ongecontroleerde immigratiestroom.

Op economisch gebied zijn de gematigde conservatieven van Frederik Reinfeldt, die sinds 2006 aan de macht is, de crisis te lijf gegaan op een manier die van bekwaamheid en inzicht getuigt: zonder te morrelen aan de fundamenten van het sociaaldemocratische systeem maar wel door de ideologische excessen hiervan te corrigeren en door met liberale maatregelen de flexibiliteit het bedrijfsleven te vergroten. Dit compromis heeft gewerkt. Het BBP is toegenomen en de werkloosheid is gedaald. Vandaag de dag heeft Zweden een van de beste economieën ter wereld. Het contrast met de moeilijkheden waarin verschillende Europese landen nu verkeren is meer dan opvallend, het is verpletterend.

Maar uiteindelijk is hetzelfde gevaar dat de andere Scandinavische landen en heel wat Europese landen kwelt nu ook neergedaald op dit economisch herstelde en stabiele Zweden. Het is hier aanwezig zoals de bijzonder hardnekkige neurose die heerst in Helsinki, Kopenhagen en Amsterdam en in Vlaanderen: juist in die noordelijke broedplaatsen die het meest ontwikkeld leken, wier cultuur tot eergisteren het meest open stond voor tolerantie en samenwoning met de vreemdeling, de banneling, de immigrant op zoek naar voedsel en bescherming.

Angst voor dolende migranten

De erfenis van tolerantie, van liefdadigheid, die in die ijskoude, noordelijke gebieden was doorgegeven van protestantisme en sociaaldemocratie, heeft zich als het ware omgekeerd, is veranderd in een grote angst voor de dolende migranten die zich vandaag verdringen voor de poorten van Europa. De kortsluiting die is ontstaan door de angst voor een invasie van buitenlanders – een oeroude angst die we vaak te makkelijk aanmerken als ‘xenofobie’ – is bezig een politieke tegenbeweging te voeden, zelfs in het zeer beschaafde Zweden. Voor de zoveelste keer is er hier sprake van een historisch moment : door het overschrijden van de kiesdrempel van vier procent komt de extreem-rechtse partij van Jimmie Aakesson in het parlement.

We weten niet wat er de komende dagen gaat gebeuren in Stockholm. We weten daarentegen wel dat de angst zich in het Noorden verbreid. In Finland groeien de Echte Finnen, die ”de waardigheid van de tradities van het woud” ophemelen. In Nederland heeft de Partij voor de Vrijheid van Geert Wilders 24 zetels in het parlement gehaald en de partijleider onderhoudt steeds nauwere betrekkingen met zijn Vlaamse bloedbroeders van het Vlaams Belang. Allemaal, ook de radicale nationalisten uit Boedapest en Boekarest, zullen zich eind oktober in Amsterdam verzamelen om de inmiddels legendarische Wilders te bejubelen.

Het Zweedse geval staat dus duidelijk niet op zichzelf. Europa is kortzichtig geworden, terwijl de angst, die onderzoek behoeft en niet alleen zou moeten worden verworpen uit naam van een bloedeloze politieke correctheid, neemt toe en breidt zich uit. Alle ‘slechten’ veroordelen is niet genoeg. Er moet ook moeite gedaan worden om een verklaring te vinden voor hoe en waarom het zover met ze is gekomen.

Are you a news organisation, a business, an association or a foundation? Check out our bespoke editorial and translation services.

Ondersteun de onafhankelijke Europese journalistiek.

De Europese democratie heeft onafhankelijke media nodig. Voxeurop heeft u nodig. Sluit u bij ons aan!

Over hetzelfde onderwerp