**Het is eind januari in het gemeentelijk theater in Stockholm. Voor de eerste keer sinds de moord op Olof Palme – de legendarische sociaaldemocratische minister-president die in 1986 om het leven werd gebracht – wordt een toneelstuk over deze gebeurtenis opgevoerd. Dit theaterstuk zal geen bijzondere plaats gaan innemen in de Zweedse toneelgeschiedenis, maar er komt wel een bepaalde waarheid uit naar voren die van nostalgie doordrenkt is en tot uiting komt in de reacties erop. "Het sociaaldemocratische gedeelte van het socialistische paradijs bevindt zich hier in Zweden" of: "Zweden is sociaaldemocratisch, zo is het nu eenmaal, en daarmee uit".

Onder het publiek bevinden zich veel anonieme sociaaldemocraten die de glorietijd van Palme tijdens de jaren zeventig hebben meegemaakt. "Degenen die de partij momenteel leiden, zijn de weg kwijt", merkt voormalig vakbondsleider Lasse Hornberg op. "Ze doen net alsof we gewoon op de oude voet voort kunnen gaan. Maar dat is onmogelijk geworden met de globalisering. Toch zijn de fundamenten van de sociaaldemocratie zijn nog steeds actueel".**

Slechts 23% in de opiniepeilingen

**Het toeval wil dat het stuk juist in première is gegaan op het moment waarop de partij een van de diepste crises in de geschiedenis van haar bestaan doormaakt. Nadat de partij de verkiezingen twee keer had verloren – in 2006 en 2010 – is het alleen maar verder bergafwaarts gegaan. In de opiniepeilingen van eind januari behaalden de sociaaldemocraten slechts 23 procent van de zetels, nadat haar partijvoorzitter Håkan Juholt op 21 januari na slechts tien maanden voorzitterschap werd gedwongen op te stappen. Dit was nog nooit eerder vertoond in de geschiedenis van deze partij, die geneigd is te denken dat het regeringspluche haar toekomt. Håkan Juholt werd verweten dat hij te lichtvaardig met bepaalde dossiers was omgesprongen en dat hij de regering er onlangs ten onrechte van had beschuldigd dat zij met steun van extreemrechts een nieuwe verdedigingsdoctrine had opgesteld. En in oktober vorig jaar had de pers onthuld dat hij ten onrechte huursubsidies had opgestreken.

De sociaaldemocraten, die door de opiniepeilingen wakker werden geschud, hebben in minder dan een week tijd een nieuwe leider benoemd, Stefan Löfven, voormalig arbeider en voorzitter van de metaalvakbond IF Metall. In dit laboratorium van de sociaaldemocratie dat Zweden nog steeds hoopt te zijn, is alle hoop op een opleving nu op hem gericht.**

Tegenwoordig werkt links nauw samen met rechts

We zijn in Västerås, op 100 kilometer ten westen van Stockholm. Deze oude industriestad is de hoofdstad van Västmanland, wat indertijd de meest sociaaldemocratische regio van Zweden was. Tegenwoordig werkt links er nauw samen met rechts en door de bank genomen doet extreemrechts de balans doorslaan. De voormalige koperfabriek is omgevormd tot een cultureel lyceum en kantoorruimtes voor verenigingen. De leden van Gamla Gardet, de Oude Garde, de vereniging van sociaaldemocratische senioren van Västerås, komen hier elke vrijdag bijeen. Ze zijn met zo'n twintig man. Vandaag staat het partijprogramma ter discussie. De vijf agendapunten zijn van tevoren vastgesteld door Stockholm: de globalisering, het klimaat.... Meerdere veteranen laten duidelijk hun ongenoegen blijken. "Alleen maar grote woorden", zegt een activiste verontwaardigd. "Ik wil dat we het gaan hebben over sociale verzekeringen en arbeidsomstandigheden, maar daar rept het programma met geen woord over. De mens moet weer centraal komen te staan!"

Brage Lundström, voormalig huisschilder en secretaris van de afdeling, oppert een idee: "We moeten af van de rechtse en linkse koers die de partij heeft gevaren. En terugkeren naar de samenwerking tussen de staat en het bedrijfsleven. Met zijn achtergrond kan Löfven [de nieuwe partijleider van de sociaaldemocraten, red.] hiervoor de aangewezen persoon zijn". Net als anderen in Västerås verwijst hij naar de heilige overeenkomst van Saltsjöbaden van 1938, waarmee de grondslag van het moderne Zweden werd gelegd. Deze bestond eruit dat de regering de totstandkoming van de collectieve arbeidsovereenkomsten overliet aan de werkgevers en vakbonden, die in hun onderhandelingen de standpunten van de ander in het algemene belang respecteerden.

Sociaal-democratische partij kreeg bijnaam 'financieel rechts'

**Op een steenworp afstand daarvandaan volgt Olle Winkler, de plaatselijke afgevaardigde van de metaalvakbond IF Metall waaruit de nieuwe partijleider afkomstig is, een soortgelijke koers. In december 2011 was de werkloosheid opgelopen tot 7,1 procent, wat zeer hoog is voor het land. In het verleden stonden de sociaaldemocratische regeringen altijd bekend om het stimuleren van grote ondernemingen, waardoor zich bijvoorbeeld grote concerns konden ontwikkelen zoals Ericsson en ABB, de grootste onderneming van Västerås die na de Tweede Wereldoorlog van deze staatssamenwerking heeft geprofiteerd. "Het is deze vorm van staatskapitalisme die men verwacht", benadrukt Olle Winkler. "Als we niet terugkeren naar de uitgangspunten, zullen we er niet komen".

In de oude koperfabriek ontmoeten we Roland Sundgren, die deel uitmaakte van de Oude Garde. Hij heeft de hoogtijdagen van de sociaaldemocratie en het begin van haar val van dichtbij meegemaakt, aangezien hij van 1970 tot 1994 volksvertegenwoordiger was. "Toen de Nobelprijs voor de Economie in 1976 aan Milton Friedman werd toegekend, luidde dat het begin van het einde in. Reagan en Thatcher hebben zijn formules toegepast, maar Zweden ook. Er werd een begin gemaakt met deregulering en privatisering. In 1985 kregen de sociaaldemocratische minister van Financiën en zijn team de bijnaam ‘het financiële rechts’ van de partij. Palme was toen minister-president, maar hij heeft ze geen strobreed in de weg gelegd. Zij hebben ervoor gezorgd dat de markten gedereguleerd en de banken geliberaliseerd werden".**

Herovering van de middenklasse van de grote steden

**Meerdere mensen in Västerås verwijzen naar de breuk van 1985, toen de sociaaldemocraten neoliberale thema's gingen introduceren, en roepen op tot een nieuwe vorm van staatskapitalisme. Dat is echter een heel ander geluid dan in Stockholm te horen valt. In de hoofdstad wordt boven alles ingezet op de herovering van de middenklasse van de grote steden, omdat dat de enige manier zou zijn om weer aan de macht te komen. Vandaar dat er discussies plaatsvinden die in Västerås als ‘details’ worden afgedaan, met name over het aspect van de privatisering van openbare diensten en het grote vraagstuk van de winstnemingen. "Binnen de partij zijn er stromingen die van mening zijn dat we onze handen af moeten houden van winstkwesties met betrekking tot de verzorgingsstaat, zoals het onderwijs, de gezondheidssector of de ouderenzorg", aldus Roland Sundgren. "Het zou vreselijk zijn als de sociaaldemocraten hun ruk naar rechts zouden voortzetten. In dat geval zou de partij haar nut verliezen", waarschuwde kortgeleden nog een commentator van Aftonbladet, een krant die de sociaaldemocraten altijd een warm hart heeft toegedragen.

Aan het einde van het toneelstuk dat op dit moment in Stockholm te zien is, verlaat Olof Palme het toneel na een laatste vraag van een oudstrijdster die hem vraagt waar hij naartoe gaat. "Ik weet niet waar ik heen ga", luidt het antwoord van Olof Palme.**