Maribor stond altijd bekend als stad waar nooit iets gebeurde. De opkomst bij verkiezingen lag hier lager dan elders en de inwoners voelden zich niet direct geroepen om deel te nemen aan het maatschappelijke of politieke leven. Hoe is het dan mogelijk dat in één week 20.000 mensen demonstreerden op het plein van de vrijheid, met spandoeken tegen de burgemeester en het gooien van eieren, stoelen en molotovcocktails naar het gemeentehuis? Daar is iedereen nog altijd stomverbaasd over. Vooral omdat vervolgens mensen in het hele land, als in een soort algemene extase, uit solidariteit met Maribor de straat op zijn gegaan.

Dit is in twintig jaar onafhankelijkheid nog nooit vertoond. Er is zelfs sprake van “de opstand van Maribor” alsof het om een historische gebeurtenis gaat. Maar waardoor wordt dit veroorzaakt? Ten eerste door het besluit van burgemeester Franc Kangler van Maribor om flitspalen te installeren op alle belangrijke kruisingen in de stad.

In enkele dagen tijd registreerden deze palen 70.000 overtredingen, met als gevolg dat er evenveel boetes moesten worden betaald door een bevolking die toch al zo zwaar te lijden heeft onder de economische crisis. Bovendien werden de flitspalen geïnstalleerd op plekken waar het wel erg gemakkelijk is om automobilisten te betrappen, in plaats van dat ze bijvoorbeeld in de buurt van scholen zijn geplaatst. En dat is nog niet alles.

Overlijden is twee keer zo duur als in Ljubljana

De concessie voor de flitspalen werd verleend aan een particulier bedrijf. Het grootste deel van de boetes (ongeveer 93%) is door dit bedrijf geïnd, dat had toegezegd om het systeem van rode verkeerslichten te vernieuwen. Zo is de burgemeester geslaagd in een onmogelijke missie, te weten privatisering van de staat. De eerste protestsignalen lieten niet lang op zich wachten; er werden al snel in de brand gestoken flitspalen aangetroffen in Maribor.

De zaak van de privatisering van de flitspalen was de laatste in een hele reeks. Maribor heeft zonder enige aarzeling het neoliberale kapitalisme omarmd. Sinds 1997 is er op grote schaal geprivatiseerd: de gezondheidszorg, de drinkwatervoorziening, het openbaar vervoer, de kabelbaan, de begrafenisonderneming… met als resultaat dat overlijden in Maribor twee keer zo duur is als in Ljubljana!

Onlangs heeft de Sloveense Nationale anti-corruptiecommissie onthuld dat er “machtsmisbruik” is geconstateerd in Maribor en dat er bovendien sprake is van “systematische corruptie”. De inwoners waren niet verbaasd over deze ontdekking. De commissie bevestigde slechts wat ze al lang wisten.

Politieke elite heeft maling aan justitie

Toch heeft de protestbeweging zich als een olievlek over het hele land verspreid, omdat burgers niet alleen een opstand kwamen tegen burgemeester Kangler en zijn trucjes. In Ljubljana, Kranj, Celje en Trbovlje gingen mensen de straat op met een kaars in hun hand om te protesteren tegen de plaatselijke corruptie, het cliëntelisme en de lokale oligarchen. Ze waren bang dat heel Slovenië zou verworden tot een surrogaat van Maribor.

Slovenen kijken nu met enige afgunst naar Kroatië, waar voormalig premier Ivo Sanader wegens corruptie tot een zware gevangenisstraf werd veroordeeld (in eerste aanleg tot tien jaar).

Niets van dat al in Slovenië. Als premier Janez Janša, die al jaren wordt beschuldigd van corruptie, weigert om op te stappen, waarom zouden anderen dat dan wel doen? Verschillende Sloveense burgemeesters werden al veroordeeld wegens het wanbeheer van overheidsfinanciën, maar zij trekken zich niets aan van Justitie. Sommige parlementsleden zijn ook veroordeeld, maar weigeren hun ambt neer te leggen.

De politieke elite in Slovenië heeft maling aan de besluiten van justitie en wekt de indruk dat die onderdeel zijn van een politiek complot. Slovenen pikken dat allemaal niet langer, zoals wel blijkt uit wat er nu in ons land gebeurt.