François Hollande mag François Mitterrand – een Machiavellistische manipulator – als zijn rolmodel hebben beschouwd. We hadden misschien liever gezien dat hij zich had ontpopt als een Franse Gerhard Schröder – een harde hervormer. Maar in het kielzog van het affaire-Cahuzac lijkt de Franse president steeds meer op een moderne versie van Lodewijk XVI – de koning die werd onthoofd door de revolutionairen van 1789.

Na vijf jaar economische en sociale crisis, en zonder licht aan het einde van de tunnel, verliezen de Fransen hun geduld – niet alleen met hun politici, maar met al hun elites. Hollande zou net als Lodewijk XVI achteraf wel eens een onopvallende figuur in een uitzonderlijke tijd kunnen blijken.

Revolte tegen de moderne elites

Het Franse ancien regime ging ten onder, en nam Lodewijk XVI in zijn val mee, toen de privileges van de aristocratie niet langer werden aanvaard als tegenprestatie voor aan de samenleving verleende diensten. Hollande zou in de toekomst kunnen worden gezien als het slachtoffer van een revolte tegen de moderne elites van Frankrijk.

Hij voert een politieke aristocratie aan, die links en rechts omspant, maar het contact met de rest van het land heeft verloren. Hun ‘kleine vriendendiensten’ werden tot nu toe geaccepteerd, omdat hun bijdrage als positief werd beschouwd. Maar in het huidige Frankrijk, net als in heel Europa, worden de privileges van de elites als oneerlijk ervaren. Het is een van de sleutels, zo niet de belangrijkste verklaring voor de opkomst van het populisme, dat zo onwelriekend veel weg heeft van dat van de jaren dertig. In tegenstelling tot die tijd zijn er geen externe machten die uiterst links of uiterst rechts aanmoedigen. Maar een zwakke economie en schandalen zijn als kolen op het vuur van het extremisme.

Aan het eind van de 18de eeuw hinkte de rest van Europa, geconfronteerd met de Franse Revolutie, op twee gedachten. Was het een unieke kans om te profiteren van de zelfverkozen uitsluiting van Frankrijk uit het Europese machtsspel, of was het spook van de revolutie voor iedereen een bedreiging? De Franse crisis is momenteel vooral een reden tot zorg in alle Europese hoofdsteden, met name in Berlijn. Frankrijk is uiteraard geen uitzondering – kijk maar eens naar Spanje en zijn bezoedelde koninklijke familie, of naar het verlamde politieke systeem van Italië.

Erfenis van Sarkozy

Maar Frankrijk is anders en in potentie gevaarlijker. ‘La Grande Nation’, bekend om de sterke staat en internationale ambities, lijkt te zijn getroffen door niets minder dan een regimecrisis. Het is zeer onwaarschijnlijk dat uit het huidige verslechterende klimaat een Zesde Republiek te voorschijn zal komen. Maar de crisis gaat verder dan het schandaal rondom Jérôme Cahuzac, die vorige maand aftrad als minister van Begroting. Als zodanig had hij de rechtschapenheid van de Franse staat moeten belichamen, maar hij heeft herhaaldelijk over het bezit van een Zwitserse bankrekening gelogen.

Dit is de culminatie van een proces van verwijdering tussen het volk en de elites, dat is gevolgd op een reeks breuken in het vertrouwen dat de Fransen in hun staat hebben. Deels is dit de weerspiegeling van het onvermogen van de regering om de werkloosheid te bestrijden, maar in diepere zin gaat het om de afbrokkeling van de waardigheid van de staat. Niemand heeft hier meer aan bijgedragen dan oud-president Nicolas Sarkozy, die zeer bedreven was in het vermengen van privé- en staatszaken.

Vastberaden om de waardigheid van de staat te herstellen wil Hollande de Fransen bovenal geruststellen en te vriend houden. Maar door met buitensporige omzichtigheid te navigeren tussen de logica van de obligatiemarkten (geen Keynesiaans beleid) en die van zijn socialistische partij (geen moedige stappen om de arbeidsmarkt vrijer te maken) heeft hij precies het tegenovergestelde bereikt. Hij heeft een klimaat van negatieve verwachtingen en wantrouwen bevorderd met betrekking tot de doelmatigheid van de staat.

Een nieuwe premier is niet pers se een oplossing

Hebben we het toppunt van de crisis nu bereikt? Niet per se. Het is onduidelijk wat Hollande kan doen om zichzelf opnieuw uit te vinden. Hij heeft zich als een 'gewone man' gepresenteerd die in de presidentsverkiezingen van mei 2012 aan de macht is gekomen – wellicht is dat de voornaamste reden voor de snelle achteruitgang van zijn populariteit. Nooit eerder was een president al na elf maanden zo impopulair.

Geconfronteerd met een snelle opkomst van extreem-links en (belangrijker nog) extreem-rechts, zal zijn natuurlijke geneigdheid om een afwachtende houding aan te nemen ontoereikend blijken. Zullen een nieuwe regering en vooral een nieuwe premier het probleem kunnen oplossen? Dat is helemaal niet zeker.

Lodewijk XVI was een eerlijke man, die probeerde het beste voor zijn land te doen, maar de diepte van de ontevredenheid onder zijn volk niet doorzag, zijn entourage niet in de hand had, en eindigde als een tragisch figuur, een slachtoffer van de krachten waar zijn persoonlijkheid niet tegen was opgewassen. François Hollande moet zich zorgen maken niet eenzelfde lot te zullen moeten ondergaan.